Lexicale morfemen | Numerieke notatie | Allomorfen |
nul | 0 | - |
een | 1 | - |
twee | 2 | twin- |
drie | 3 | der- |
vier | 4 | veer- |
vijf | 5 | - |
zes | 6 | - |
zeven | 7 | - |
acht | 8 | tach- |
negen | 9 | - |
tien | 10 | - |
elf | 11 | - |
twaalf | 12 | - |
honderd | 100 | - |
duizend | 1000 | - |
miljoen | 1.000.000 | - |
miljard | 1.000.000.000 | - |
biljoen | 1.000.000.000.000 | - |
biljard | 1.000.000.000.000.000 | - |
Gebonden morfemen | Voorbeelden | |
-tig | twin-tig, der-tig, veer-tig, vijf-tig, tach-tig | |
-en- | drie-ën-twintig, zes-en-zeventig, honderd(en)twaalf |
- Barbiers, Sjef 2005. Variation in the morphosyntax of one. The Journal of Comparative Germanic Linguistics 8, 159-183.
- Barbiers, Sjef 2007. Indefinite numerals ONE and MANY and the cause of ordinal suppletion. Lingua 117(5), 859-880.
- Booij, Geert 2009. Constructions and lexical units: An analysis of Dutch numerals. Linguistische Berichte 19, 1-14.
- Broekhuis, Hans & Marcel den Dikken 2012. Syntax of Dutch. Nouns and noun phrases. Volume 2. Amsterdam University Press.
- Boon, Ton den & Ruud Hendrickx (red.) 2015. Van Dale Groot woordenboek van de Nederlandse taal. Vijftiende, herziene editie. Utrecht/Antwerpen: Van Dale Uitgevers.
- Van der Horst, Joop 2014. Wat gaan we doen met z’n miljoen? Hoe miljoen een telwoord wordt. Onze Taal 83, 310-312.
- Van de Velde, Freek 2009. De nominale constituent. Structuur en geschiedenis. Universitaire pers Leuven.
- Vandeweghe, Willy 2004. Grammatica van de Nederlandse zin. Antwerpen/Apeldoorn: Garant uitgevers.
versie | redacteur(en) | datum | opmerkingen |
3.0 | Kathy Rys | november 2023 | overzicht van de wijzigingen ▼ Het hoofdstuk is op diverse vlakken uitgebreid. Het is geactualiseerd op basis van de verschenen taalkundige literatuur, waarbij een aantal kwesties wordt uitgediept in uitklapbare kaders, zoals: Is geen een telwoord? Zijn miljoen en miljard basisvormen of complexe hoofdtelwoorden? Zijn complexe hoofdtelwoorden woorden of woordgroepen? Het hoofdstuk is bovendien verrijkt met corpusvoorbeelden, informatie over geografische en stilistische variatie, literatuurverwijzingen per paragraaf, en koppelingen naar taaladviesbronnen. De structuur van het hoofdstuk is grotendeels hetzelfde gebleven. De paragraaf over de vorming van de bepaalde hoofdtelwoorden is nu opgedeeld in twee subparagrafen. In de eerste (7.1.1.1.1 'Basisvormen') is nu ook expliciet aandacht voor de vormvarianten (allomorfen) twin-, der-, veer- en tach-. De tweede (7.1.1.1.2) heeft als titel 'Complexe hoofdtelwoorden', een term waarmee verwezen wordt naar afleidingen met -tig (vijftig, zeventig) en samenstellingen, eventueel met -en- (achttien, zesenzeventig, honderdvijfentwintig). Een inhoudelijke verandering is dat in de huidige versie van het hoofdstuk meer vormen tot de onbepaalde hoofdtelwoorden gerekend worden dan in de vorige versie: niet alleen veel en weinig, meer – meest en minder – minst, zoveel en hoeveel, en het informele tig, maar ook enkele, ettelijke, meerdere, verschillende, verscheidene en talloze. In 7.1.1.2 wordt deze keuze verantwoord, met aandacht voor het verschil met onbepaalde voornaamwoorden, zoals sommige, enige en alle. |
2.1 | januari 2019 | Automatische conversie van ANS 2.0 | |
2.0 | W. Haeseryn, K. Romijn, G. Geerts, J. de Rooij, M.C. van den Toorn | 1997 | hoofdstuk 7 |