Voorbeeldzoeker x
(typ in het invoerveld om het voorbeeld te wijzigen)
zoek dit voorbeeld in:
ANS

Woordenboeken

  • INT (500 AD - heden)
  • Etymologiebank
  • Woordenlijst.org

Corpora en lexica

  • Corpus Hedendaags Nederlands Clarin login
  • GrETEL (CGN, Lassy)
  • SoNar Clarin login
  • Delpher
  • Celex Clarin login

Overige bronnen

  • Taalportaal
  • Wikipedia
  • Google
  • DBNL geheel / taalkunde
  • Taaladvies.net
1.7.2.4 Emotiesignalering
Prosodie speelt een belangrijke rol in emotiesignalering. De gemoedstoestand van de spreker beïnvloedt namelijk de intonatie van een zin. Zo hebben vrolijke spraakuitingen vaak een hogere toonhoogte en een grotere variatie in het toonhoogteverloop dan verdrietige spraakuitingen, die een lagere en vlakkere intonatiecontour hebben.
Bronnen: Van Bezooijen (1984); Mozziconacci (1998: 200); Scherer (1986: 161).
Het is niet zonder meer duidelijk of emotiesignalering taalspecifiek is, en dus onderdeel is van de grammatica van het Nederlands. Anders dan bedoelingen zoals het doen van een mededeling, het stellen van een vraag of het wisselen van beurten is emotiesignalering niet per se opzettelijk, en vaak juist onwillekeurig. Hoewel we emotiesignalering niet zonder meer als taalverschijnsel kunnen zien, heeft het wel een communicatieve functie, en kan emotie het toonhoogteverloop van spraakuitingen beïnvloeden.
De melodische aspecten van emotionele spraakuitingen zijn met name onderzocht aan de hand van fonetische kenmerken, zonder gebruik te maken van een fonologische classificatie van intonatiecontouren zoals beschreven in paragraaf 1.7.2.
Een uitzondering vormt het werk van Mozziconacci (1998), die emotionele intonatie van het Nederlands heeft geanalyseerd aan de hand van het IPO-model van ‘t Hart, Collier & Cohen (1990).
Naast het toonhoogteverloop beïnvloeden emoties nog een aantal andere aspecten van de uitspraak van een zin, zoals de spreeksnelheid en luidheid. Er wordt algemeen aangenomen dat sprekers deels onbewust beïnvloed worden door hun emoties in spraakuitingen, bijvoorbeeld door de spanning of ontspanning van spieren in het spraakkanaal. Deze fysiologische kenmerken van emoties zijn universeel, wat betekent dat emotie in verschillende talen deels op een vergelijkbare manier tot uiting komt in intonatie.
Bronnen: Bryant & Barrett (2008); Van Bezooijen (1984).
Aan de andere kant is de vocale uiting van emoties deels cultureel bepaald, en zijn er dus ook verschillen te vinden tussen talen.
Bronnen: Van Bezooijen (1984: 141-142); Tickle (1999).
De beschrijving van prosodische kenmerken van verschillende emoties hieronder zijn gebaseerd op studies van Nederlandse spraakuitingen, die in dit opzicht deels zullen overeenkomen met die in andere talen. De emoties die onderscheiden kunnen worden aan de hand van deze vocale kenmerken zijn onder andere vrolijkheid, verdriet, angst en boosheid.
Dit is geen uitputtende lijst van emoties en fonetische kenmerken. Voor een overzicht van verschillende spraakparameters in de emoties blijdschap, verveling, boosheid, verdriet, angst en verontwaardiging in het Nederlands, zie Mozziconacci (1998: 200). Van Bezooijen (1984: 28, 33, 149) geeft perceptuele en akoestische kenmerken van uitingen van schaamte, neutraliteit, verdriet, blijdschap, verbazing, boosheid, interesse, verachting, walging en angst in het Nederlands. Bij beide studies wordt overigens gebruik gemaakt van gespeelde emoties. Voor een groter, niet taalspecifiek overzicht van een breed scala aan akoestische correlaten van verschillende emoties en een bespreking van mogelijke onderliggende mechanismes, zie Scherer (1986).
De intonatie van blijdschap wordt gekenmerkt door een hogere toonhoogte, een groter toonhoogtebereik, en een grotere variatie in toonhoogte in vergelijking met neutrale spraakuitingen. Daarnaast komt blijdschap tot uiting door een hoger spreektempo en een luidere stem.
Bronnen: Mozziconacci (1998: 200); Van Bezooijen (1984: 28, 33, 149). Een andere belangrijke signalering van blijdschap in de stem is de verhoging van de tweede formant (F2). Deze verhoging wordt veroorzaakt door de lipspreiding oftewel de glimlach die gepaard gaat met blijdschap. Op dezelfde manier worden in verdriet en boosheid de F2 en F3 verlaagd wegens het tuiten van de lippen (zie bijvoorbeeld Tartter & Braun 1994; Barthel & Quené 2015).
De intonatie van verdriet kan worden omschreven als het tegenovergestelde van blijdschap. De gemiddelde toonhoogte wordt verlaagd en het toonhoogtebereik is kleiner in vergelijking met blijdschap, hoewel de gemiddelde toonhoogte en het toonhoogtebereik nog hoger zijn dan die met neutraliteit. Ook hebben verdrietige spraakuitingen een lager spreektempo dan zowel blije als neutrale uitingen. Ten slotte gaat verdriet gepaard met een zachtere stem.
Bronnen: Mozziconacci (1998: 200); Van Bezooijen (1984: 28, 33, 149).
Angst wordt gekenmerkt door een verhoogde gemiddelde toonhoogte, grotere toonhoogtevariatie, en een vergroot bereik ten opzichte van een neutrale intonatie. Ook de spreeksnelheid is verhoogd.
Bronnen: Mozziconacci (1998: 200); Van Bezooijen (1984: 33, 149).
Boosheid gaat gepaard met een hogere gemiddelde toonhoogte, een groter bereik en meer variatie in toonhoogte ten opzichte van neutraliteit. Verder hebben boze spraakuitingen een hoger spreektempo en wordt er gebruikt gemaakt van een luide stem.
Bronnen: Mozziconacci (1998: 200); Van Bezooijen (1984: 33, 149). In de literatuur wordt overigens vaak een onderscheid gemaakt tussen twee soorten boosheid: ‘cold anger’ (ijzige boosheid) en ‘hot anger’ (woede) (Scherer 1986). Bij de Nederlandse studies van Mozziconacci en Van Bezooijen wordt echter geen onderscheid gemaakt tussen deze twee soorten.
Verder lezen
Literatuur
    Versiegeschiedenis
    versie redacteur(en) datum opmerkingen
    3.0 Nelleke Jansen november 2020
    Interessante links