Voorbeeldzoeker x
(typ in het invoerveld om het voorbeeld te wijzigen)
zoek dit voorbeeld in:
ANS

Woordenboeken

  • INT (500 AD - heden)
  • Etymologiebank
  • Woordenlijst.org

Corpora en lexica

  • Corpus Hedendaags Nederlands Clarin login
  • GrETEL (CGN, Lassy)
  • SoNar Clarin login
  • Delpher
  • Celex Clarin login

Overige bronnen

  • Taalportaal
  • Wikipedia
  • Google
  • DBNL geheel / taalkunde
  • Taaladvies.net
9.1 Voorzetsels preposities
Een voorzetsel (of ‘prepositie’) wordt direct gevolgd door zijn complement, waarmee het samen een voorzetselconstituent vormt. In (1) hieronder is het voorzetsel steeds schuingedrukt, en het complement onderstreept. In deze voorbeelden is het complement steeds een nominale constituent, maar andere typen complementen zijn ook mogelijk.
1aHun grote tafel stond tegen het raam.
bSomalië heeft sinds vorige maand een nieuwe regering.
cEr spelen volgens mij ook andere dingen.
dIran weigert de VN-conventie inzake vrouwenrechten te ratificeren.
Een voorzetsel drukt een relatie uit tussen zijn complement en een ander element in de zin. Dat kan een ruimtelijke relatie zijn, zoals in (1a), waarin tegen het raam de locatie aangeeft van de referent van het onderwerp, hun grote tafel. Voorzetsels kunnen ook temporele relaties uitdrukken, zoals sinds in (1b): sinds vorige maand geeft aan wanneer de stand van zaken Somalië heeft een nieuwe regering begon. Naast ruimtelijke en temporele relaties kunnen voorzetsels ook andere typen relaties uitdrukken, zoals volgens in (1c) en inzake in (1d).
Verder lezen
De tabel hieronder geeft een overzicht van de Nederlandse voorzetsels, grofweg ingedeeld op basis van hun betekenis en mate van formaliteit.
De niet-formele voorzetsels worden over het algemeen heel frequent gebruikt en komen voor in zowel informeel als formeel taalgebruik. De formele voorzetsels zijn beperkt tot formeel taalgebruik en komen dus ook minder vaak voor.
Type relatie Niet-formeel Formeel
Ruimtelijk Locatief op, aan, tegen, in, binnen, buiten, onder, boven, voor, achter, naast, tussen, halverwege, tegenover, bij, beneden nabij, te, benoorden, beoosten, bewesten, bezuiden
Directioneel van, uit, vanaf, vanuit, vanonder, door, om, over, langs, voorbij, via, rond, rondom, naar, tot, richting
Temporeel na, sinds, tijdens sedert, omstreeks, gedurende, hangende, staande, gaande
Anders met, zonder, per, volgens, dankzij, ondanks, vanwege blijkens, conform, gegeven, getuige, gezien, ingevolge, krachtens, luidens, middels, namens, naargelang, overeenkomstig, wegens, behoudens, bezijden, exclusief, niettegenstaande, ongeacht, onverminderd, uitgezonderd, aangaande, betreffende, inzake, jegens, nopens, omtrent, qua, benevens, inclusief, contra, versus, à
In deze tabel zijn de voorzetsels gerangschikt naar het type relatie dat ze uit kunnen drukken: ruimtelijk, temporeel of 'anders' (dus niet ruimtelijk of temporeel). Daarbij moet wel meteen opgemerkt worden dat voorzetsels die een ruimtelijke relatie kunnen uitdrukken, vaak ook temporele en andere relaties kunnen aanduiden. Zo drukt voor een ruimtelijke relatie uit in (2a), een temporele in (2b) en relaties die we niet als ruimtelijk of temporeel kunnen beschouwen, in (2c) en (2d).
2aVoor het stadhuis hebben zich tweehonderd mensen verzameld.
bIk hoop een aantal dossiers voor de zomer af te ronden.
cHet KNMI waarschuwt voor verraderlijk gladde wegen.
dGemeenten voelen zich verantwoordelijk voor de werkgelegenheid.
De voorzetsels die een ruimtelijke relatie uitdrukken, worden nog verder onderverdeeld in locatieve en directionele voorzetsels. Locatieve voorzetsels, zoals voor, op en buiten, drukken (een relatie ten opzichte van) een plaats uit, terwijl directionele voorzetsels, zoals door, langs en naar, een pad of richting aanduiden.
De tabel geeft een overzicht van de voorzetsels die gebruikt worden in het hele Nederlandse taalgebied. In België worden daarnaast ook vanop, doorheen, langsheen en mits als voorzetsels gebruikt, al behoort het gebruik van die laatste vorm als voorzetsel niet tot de standaardtaal (in tegenstelling tot het gebruik ervan als voegwoord). 
3aTwee radeloze bewoners sprongen vanop de tweede verdieping naar beneden. in BN Deze vorm komt geregeld voor in standaardtalige contexten in het Belgisch Nederlands en kan als deel van de standaardtaal worden beschouwd. Ook volgens Taaladvies.net  behoort de vorm tot de standaardtaal. Belgisch Nederlands
bVia het pad wandelen de bezoekers doorheen de kruinen van de bomen.in BN Deze vorm komt geregeld voor in standaardtalige contexten in het Belgische Nederlands. Volgens Taaladvies.net  is de status ervan onduidelijk. Volgens de redactie kan hij echter op basis van de beschikbare informatie over het gebruik ervan wel degelijk als deel van de standaardtaal worden beschouwd.
cLangsheen het Bistplein komen laad- en loszones. in BN Deze vorm komt geregeld voor in standaardtalige contexten in het Belgische Nederlands. Volgens Taaladvies.net  is de status ervan onduidelijk. Volgens de redactie kan hij echter op basis van de beschikbare informatie over het gebruik ervan wel degelijk als deel van de standaardtaal worden beschouwd.
dEen haalbaarheidsstudie toonde aan dat het gebouw, mits enkele aanpassingen, geschikt was. in BN: -ST Deze vorm komt (af en toe) voor in standaardtalige contexten in het Belgische Nederlands maar maakt geen deel uit van de standaardtaal. Ook volgens Taaladvies.net  is hij geen standaardtaal.
Literatuur
    Versiegeschiedenis
    versie redacteur(en) datum opmerkingen
    3.0 Maaike Beliën januari 2021
    Interessante links