Voorbeeldzoeker x
(typ in het invoerveld om het voorbeeld te wijzigen)
zoek dit voorbeeld in:
ANS

Woordenboeken

  • INT (500 AD - heden)
  • Etymologiebank
  • Woordenlijst.org

Corpora en lexica

  • Corpus Hedendaags Nederlands Clarin login
  • GrETEL (CGN, Lassy)
  • SoNar Clarin login
  • Delpher
  • Celex Clarin login

Overige bronnen

  • Taalportaal
  • Wikipedia
  • Google
  • DBNL geheel / taalkunde
  • Taaladvies.net
20.1.3.3.5 Een bijwoordelijke constituent
Verder lezen
Bijwoorden die als (kern van een) naamwoordelijk deel voorkomen, kunnen meestal gezien worden als restanten van andere woorden of constituenten. Het gaat dan vaak (maar zeker niet altijd) om deelwoorden van scheidbare werkwoorden. Zo kan uit in:
1De kachel is uit.
opgevat worden als het restant van uitgegaan. Andere voorbeelden zijn:
2Het boek is af.
3De zon is onder.
4De sieraden waren weg.
5Ons geld is totaal op.
6Dat kind is achter.
Niet als een restant van een werkwoord op te vatten is bijv. tegen in:
7Wie is tegen?
Dit geval is te vergelijken met een voorzetselconstituent (zie onder 7). Zie voor meer voorbeelden met een voorzetselbijwoord als naamwoordelijk deel [8.4], [2].
Een ander type omvat bijwoorden die opgevat kunnen worden als het restant van een adjectief: stapel van stapelgek, reuze van reuzeleuk, enz. Een voorbeeld is:
8Hij is helemaal stapel.informeel
Literatuur
    Versiegeschiedenis
    versie redacteur(en) datum opmerkingen
    2.1 januari 2019 Automatische conversie van ANS 2.0
    2.0 W. Haeseryn, K. Romijn, G. Geerts, J. de Rooij, M.C. van den Toorn 1997
    Interessante links