Voorbeeldzoeker x
(typ in het invoerveld om het voorbeeld te wijzigen)
zoek dit voorbeeld in:
ANS

Woordenboeken

  • INT (500 AD - heden)
  • Etymologiebank
  • Woordenlijst.org

Corpora en lexica

  • Corpus Hedendaags Nederlands Clarin login
  • GrETEL (CGN, Lassy)
  • SoNar Clarin login
  • Delpher
  • Celex Clarin login

Overige bronnen

  • Taalportaal
  • Wikipedia
  • Google
  • DBNL geheel / taalkunde
  • Taaladvies.net
25.6.1.3 Distantiërende tegenstelling
Verder lezen
1
In dit type nevenschikking wordt in het tweede lid afstand genomen van het eerste, zonder te ontkennen wat daarin wordt uitgedrukt. In het tweede lid wordt doorgaans gezegd dat er nog 'iets anders' is. Dat andere kan een beperking inhouden op het eerste, waardoor het eerste lid het karakter van een toegeving ten opzichte van het tweede krijgt (zie 2). Het tweede lid kan ook een aanvulling van het eerste zijn (zie 3).
2
Soms bevat het eerste lid een toegeving ten opzichte van het tweede. Gaan we uit van de volgende voorbeelden:
1S. is een misdadiger, maar hij blijft toch een mens.
2Dit proefschrift is interessant, maar over de wetenschappelijke waarde ervan heb ik toch mijn twijfels.
De eerste zin heeft in beide gevallen de waarde van een toegeving: de spreker geeft toe dat S. een misdadiger is respectievelijk dat het proefschrift interessant is. Daarna wordt de inhoud van de zin in het tweede lid genuanceerd of afgezwakt door een ander facet te belichten, respectievelijk door een gereserveerde houding aan te nemen. De nuancering in het tweede lid staat aldus in tegenstelling met wat in het eerste lid wordt toegegeven. De toegeving kan worden geaccentueerd door bijwoorden zoals wel, weliswaar, zonder twijfel, zeker, ongetwijfeld; de tegenstelling vaak door toch, niettemin, desondanks. Voorbeelden:
3S. is weliswaar een misdadiger, maar hij is toch een mens.
4Larsson speelde ongetwijfeld op hoog niveau, maar desondanks moest hij het afleggen tegen de Japanse Yokoshiwa, die hem technisch en interpretatief overvleugelde.
5Hij is rijk, maar niettemin is hij ongelukkig.
De betekenisrelatie tussen de leden van de nevenschikking kan dikwijls ook duidelijk gemaakt worden door omschrijving met bijzinnen van toegeving. Vergelijk met de bovenstaande voorbeeldzinnen:
6Ondanks het feit dat hij rijk is, is hij ongelukkig.
7Hoewel hij op hoog niveau speelde, moest hij het afleggen tegen zijn concurrente.
8Al is S. een misdadiger, hij blijft toch een mens.
Andere voorbeelden:
9Ze hebben ogen doch ze zien niet.formeel
10Klein maar dapper.
11We steunen u wel, maar niet onvoorwaardelijk.
12De trein was al vertrokken, maar toch liepen ze zo hard als ze konden.
Opmerking
Verdieping
Opmerking
Het accentueren van de tegenstelling door bijwoorden als toch, niettemin, desondanks, en het omschrijven met bijzinnen van toegeving is niet (goed) mogelijk als het gaat om een niet geheel uitgedrukte tegenstelling. Vergelijk:
iaZij is de beste kandidate, maar ze is 45 jaar.
bZij is de beste kandidate, maar desondanks is ze 45 jaar.twijfelachtig
cHoewel zij de beste kandidate is, is ze 45 jaar.twijfelachtig
iiaDe melk was zuur, maar hij had erge dorst.
bDe melk was zuur, maar niettemin had hij erge dorst.uitgesloten
cOndanks het feit dat de melk zuur was, had hij erge dorst.uitgesloten
In i en ii is er geen tegenstelling tussen volledig uitgedrukte betekeniscomplexen, zoals in de zinnen 1, 3 en 8 (tussen 'misdadiger' en 'mens') en 2 (tussen 'interessant' en 'wellicht onwetenschappelijk').
In iii en iv zijn de tegenstellingen waar het in i en ii om gaat (door aanvullingen tussen haakjes) volledig uitgedrukt; daar is het gebruik van de bedoelde bijwoorden en de omschrijving met toegevende bijzinnen wel mogelijk:
iiiaZij is de beste kandidate, maar (ze krijgt de baan niet, want wij mogen geen mensen van boven de veertig aannemen en) ze is 45 jaar.
bZij is de beste kandidate, maar desondanks (krijgt ze de baan niet, want wij mogen geen mensen van boven de veertig aannemen en) ze is 45 jaar.
cHoewel zij de beste kandidate is, (krijgt ze de baan niet, want wij mogen geen mensen van boven de veertig aannemen en) ze is 45 jaar.
ivaDe melk was zuur, maar (hij dronk ervan, want) hij had erge dorst.
bDe melk was zuur, maar niettemin (dronk hij ervan, want) had hij erge dorst.uitgesloten
cOndanks het feit dat de melk zuur was, (dronk hij ervan, want) had hij erge dorst.
3
Soms bevat het tweede lid een aanvulling van het eerste. In dit type tegenstelling introduceert het tweede lid een gegeven dat in de context van meer belang is dan het gegeven van het eerste lid, hoewel aan de waarde daarvan niets afgedaan wordt. Veelal wordt in het tweede lid een nieuw element geïntroduceerd. Het tweede lid bevat altijd een versterkend voegwoordelijk bijwoord, bijv.
bovendien buitendien daarenboven daarnaast eveneens ook tevens
Voorbeelden:
13Hennie is een knap meisje, maar ze is ook intelligent.
14Zoals je zegt is het boek fraai uitgegeven, maar het is bovendien een interessant boek.
De onderlinge verhouding kan worden benadrukt door aan het eerste lid de combinatie niet alleen, niet enkel of, in formeel taalgebruik, niet slechts toe te voegen:
15Ze heeft me niet alleen ten dans gevraagd maar ze heeft me ook gekust.
16De regeringsmaatregelen zijn niet slechts ondoelmatig, doch bovendien asociaal.formeel
Deze nevenschikkingen kunnen beschouwd worden als nadrukkelijke aaneenschakelingen waarvan de tegenstelling tussen de leden geëxpliciteerd is (zie [25.1.1.4]).
Opmerking
Verdieping
Opmerking
In verdelende en distantiërende tegenstellingen waarvan de leden zinnen zijn, kan in plaats van het voegwoord maar het voegwoordelijk bijwoord echter gebruikt worden. Dit woord staat nooit alleen of als eerste woord van een combinatie op de eerste zinsplaats van de nevengeschikte zin (vergelijk [21.3.2.1/iii], [2]). Voorbeelden:
iaSoms doet hij vervelend, soms echter kan hij erg lief zijn.
bSoms doet hij vervelend, echter soms kan hij erg lief zijn.uitgesloten
iiaS. is weliswaar een misdadiger, hij blijft echter toch een mens.
bS. is weliswaar een misdadiger, echter hij blijft toch een mens.uitgesloten
Voor de mogelijkheid om echter zelfstandig in de aanloop van een zin te plaatsen zie men [21.8.2.4].
In strijd met de regel worden maar en echter vaak in één zin gebruikt; vergelijk:
iiiSoms doet hij vervelend, maar soms echter kan hij erg lief zijn.uitgesloten
ivS. is weliswaar een misdadiger, maar hij blijft echter toch een mens. --
Literatuur
    Versiegeschiedenis
    versie redacteur(en) datum opmerkingen
    2.1 januari 2019 Automatische conversie van ANS 2.0
    2.0 W. Haeseryn, K. Romijn, G. Geerts, J. de Rooij, M.C. van den Toorn 1997
    Interessante links