Voorbeeldzoeker x
(typ in het invoerveld om het voorbeeld te wijzigen)
zoek dit voorbeeld in:
ANS

Woordenboeken

  • INT (500 AD - heden)
  • Etymologiebank
  • Woordenlijst.org

Corpora en lexica

  • Corpus Hedendaags Nederlands Clarin login
  • GrETEL (CGN, Lassy)
  • SoNar Clarin login
  • Delpher
  • Celex Clarin login

Overige bronnen

  • Taalportaal
  • Wikipedia
  • Google
  • DBNL geheel / taalkunde
  • Taaladvies.net
26.4.2.2 Nevenschikking van zinnen
Verder lezen
De leden van een nevenschikking met want zijn altijd zinnen met voor-pv. Ook deze nevenschikkingen zijn meestal tweeledig. Er zijn geen beperkingen op de soorten zinnen (mededeling, vraag, bevel, enz.) die het eerste lid vormen. Voorbeelden:
1Ga naar boven, want ik wil werken.
2Kom je vanmiddag een uurtje met me praten? Want ik voel me zo eenzaam.
3Dat hij nog lang moge leven, want hij is een zegen voor het vaderland.
Ook onvolledige zinnen, met name elementen die de inhoud van een vorige zin weer opnemen, kunnen worden gebruikt, bijv.:
4Kom je vanmiddag? Neen, want ik moet studeren.
5Is hij ziek? Waarschijnlijk, want hij was niet thuis.
6Gecondoleerd, want ik heb gehoord dat je kat dood is.
7Hij nam afscheid. Voorbarig, want diezelfde avond zou hij weer aanbellen.
De zinnen die op want volgen, zijn meestal mededelende zinnen (zie de bovenstaande voorbeelden), waaronder ook retorische vragen, die eveneens als mededeling fungeren (zie 8). Toch kunnen ook andere soorten zinnen voorkomen. Voorbeelden:
8Hij heeft het vast uit liefde gedaan, want waarom zou hij het anders gedaan hebben?
9Hij heeft het vast uit liefde gedaan, want vertel me niet dat hij niet van haar hield.
10Hij heeft het vast uit liefde gedaan, want weet je dat hij me zelf verteld heeft dat hij van haar hield?
Literatuur
    Versiegeschiedenis
    versie redacteur(en) datum opmerkingen
    2.1 januari 2019 Automatische conversie van ANS 2.0
    2.0 W. Haeseryn, K. Romijn, G. Geerts, J. de Rooij, M.C. van den Toorn 1997
    Interessante links