Voorbeeldzoeker x
(typ in het invoerveld om het voorbeeld te wijzigen)
zoek dit voorbeeld in:
ANS

Woordenboeken

  • INT (500 AD - heden)
  • Etymologiebank
  • Woordenlijst.org

Corpora en lexica

  • Corpus Hedendaags Nederlands Clarin login
  • GrETEL (CGN, Lassy)
  • SoNar Clarin login
  • Delpher
  • Celex Clarin login

Overige bronnen

  • Taalportaal
  • Wikipedia
  • Google
  • DBNL geheel / taalkunde
  • Taaladvies.net
20.3.3.2 Een naamwoordelijke constituent met een voornaamwoord als kern
Verder lezen
1
Behalve het onbepaald voornaamwoord men kunnen alle zelfstandige voornaamwoorden als (kern van het) lijdend voorwerp optreden. Enkele voorbeelden:
1Ik heb haar niet gezien.
2Marieke moest zich niet zo opschilderen.
3Ze schelden elkaar uit voor alles wat lelijk is.
4Dat daar neem ik meteen mee.
5Wie van u mag ik als donateur noteren?
6(Het verhaal) dat hij gisteren vertelde, (sloeg nergens op.)
7Hebben jullie nog wat anders gehoord?
2
Het voornaamwoord het dat als loos lijdend voorwerp fungeert, heeft geen eigen betekenis en geen verwijzende, maar alleen een syntactische functie. Het komt voor bij enkele combinaties met hebben en een adjectief die een toestand uitdrukken (het koud hebben, het druk hebben), en bij een aantal andere werkwoorden en werkwoordelijke uitdrukkingen. Voorbeelden:
8De president had het warm.
9Iemand met zo'n functie heeft het goed.
10Die mensen hebben het niet breed.
11Samen zullen we het wel rooien.
12Hij zette het op een lopen.
13Dan krijgen ze het met mij aan de stok.
14Ze konden het goed met elkaar vinden.
15Die jongen brengt het er aardig van af.
16De veldwachter had het op mij gemunt.
Literatuur
    Versiegeschiedenis
    versie redacteur(en) datum opmerkingen
    2.1 januari 2019 Automatische conversie van ANS 2.0
    2.0 W. Haeseryn, K. Romijn, G. Geerts, J. de Rooij, M.C. van den Toorn 1997
    Interessante links