Voorbeeldzoeker x
(typ in het invoerveld om het voorbeeld te wijzigen)
zoek dit voorbeeld in:
ANS

Woordenboeken

  • INT (500 AD - heden)
  • Etymologiebank
  • Woordenlijst.org

Corpora en lexica

  • Corpus Hedendaags Nederlands Clarin login
  • GrETEL (CGN, Lassy)
  • SoNar Clarin login
  • Delpher
  • Celex Clarin login

Overige bronnen

  • Taalportaal
  • Wikipedia
  • Google
  • DBNL geheel / taalkunde
  • Taaladvies.net
25.8.2.2.2 Aard van de leden
Verder lezen
a
Nevenschikking van zinnen met voor-pv door middel van de reeksvormer noch-noch gebeurt alleen als deze ten minste het onderwerp en de persoonsvorm gemeenschappelijk hebben. De gemeenschappelijke delen kunnen al dan niet samengetrokken worden (zie respectievelijk voorbeeld 1b en 1a). Wordt er niet samengetrokken, dan heeft het tweede lid van de nevenschikking (evenals eventuele volgende leden) de voor-pv als eerste zinsdeel (zie voorbeeld 1a). Het eerste element van de reeksvormer wordt meestal achter de gemeenschappelijke delen geplaatst (zie de voorbeelden 1a en 1b). In formeel taalgebruik kan het eerste element voorop staan (zie voorbeeld 1c). Vergelijk:
1aHij zal noch de rozen snoeien, noch zal hij de tulpen planten.
bHij zal noch de rozen snoeien, noch (-) de tulpen planten.
cNoch zal hij de rozen snoeien, noch (zal hij) de tulpen planten.formeel
Andere voorbeelden:
2Vader is noch binnen, noch (-) in de tuin.
3Ik heb noch tegen Wouter gezegd dat de aarde plat is, noch heb ik tegen Kees gezegd dat de zon om de aarde draait.
Bij nevenschikking van vragende zinnen is samentrekking verplicht, getuige de onmogelijkheid van 4b:
4aZal hij noch de rozen snoeien noch (-) de tulpen planten?
bZal hij noch de rozen snoeien noch zal hij de tulpen planten?uitgesloten
b
Enkele voorbeelden met zinnen met achter-pv zijn:
5(Ik vraag hem) noch wanneer hij terug denkt te komen noch of hij dan hetzelfde werk wil blijven doen.
6(Ik weet) noch wie hij in Amerika gaat bezoeken noch hoelang hij er zal blijven.
Bij nevenschikking van zinnen met achter-pv die ten minste het inleidend woord en het onderwerp gemeenschappelijk hebben, moet het eerste noch van de reeksvormer achter het onderwerp geplaatst worden en worden de gemeenschappelijke delen bij voorkeur samengetrokken (vergelijk(24.2.3, kenmerk 4[3])). Vergelijk:
7a(Ik zei hem: ) 'Je moet noch de rozen snoeien, noch moet je de tulpen planten'.
b(Ik zei hem) dat hij noch de rozen moest snoeien noch (-) de tulpen moest planten.
c(Ik zei hem) dat hij noch de rozen moest snoeien noch dat hij de tulpen moest planten.geen samentrekkingtwijfelachtig
d(Ik zei hem) noch dat hij de rozen moest snoeien, noch dat hij de tulpen moest planten.in de betekenis van 7a
Literatuur
    Versiegeschiedenis
    versie redacteur(en) datum opmerkingen
    2.1 januari 2019 Automatische conversie van ANS 2.0
    2.0 W. Haeseryn, K. Romijn, G. Geerts, J. de Rooij, M.C. van den Toorn 1997
    Interessante links