Voorbeeldzoeker x
(typ in het invoerveld om het voorbeeld te wijzigen)
zoek dit voorbeeld in:
ANS

Woordenboeken

  • INT (500 AD - heden)
  • Etymologiebank
  • Woordenlijst.org

Corpora en lexica

  • Corpus Hedendaags Nederlands Clarin login
  • GrETEL (CGN, Lassy)
  • SoNar Clarin login
  • Delpher
  • Celex Clarin login

Overige bronnen

  • Taalportaal
  • DBNL
  • Taaladvies.net
  • Wikipedia
  • Google
1.8.6 De uitspraak van verkortingen van woorden en woordgroepen
Woorden en woordgroepen kunnen op een aantal manieren worden verkort op basis van hun spelvorm. We onderscheiden de volgende typen, die allemaal verkortingen zijn van de orthografische vorm van een woord of woordgroep, niet van de fonologische vorm.
1Vormen van verkorting
afkortingen: blz. (bladzijde), p. (pagina), m.a.w. (met andere woorden), mr. (meester);
symbolen: km/h (kilometer per uur), s (seconde), g (gram);
letterwoorden: pin, AVRO, HEMA, havo;
initiaalwoorden: KLM, pc, tb, tv, uhd, vwo;
verkortingen: afko, horeca, info, lab(o).
Afkortingen krijgen geen eigen fonologische vorm; als we een tekst voorlezen met zo’n afkorting, wordt het onderliggende woord of de onderliggende woordgroep uitgesproken: bladzijde, pagina, met andere woorden, meester. Dat geldt ook voor symbolen. Letterwoorden, initiaalwoorden en verkortingen worden wel uitgesproken. Letterwoorden worden ook wel acroniemen genoemd.
Sommigen rekenen ook de initiaalwoorden tot de acroniemen.
Letterwoorden en verkortingen zijn uitspreekbaar, omdat de interpretatie van hun letters als fonemen leidt tot fonologisch welgevormde woorden, die in overeenstemming zijn met de fonotaxis van het Nederlands. De orthografische vorm is het uitgangspunt voor de verkorting, en daarna wordt de uitspraak bepaald. In het letterwoord havo bijvoorbeeld staan de beginletters a en o van algemeen en onderwijs in de onderliggende woordgroep hoger algemeen vormend onderwijs voor de ongespannen klinkers ɑ en ɔ. Maar in het letterwoord havo worden de a en de o als de gespannen klinkers a en o geïnterpreteerd, omdat deze letters in open lettergrepen staan. De berekening van de gesproken vorm van zo’n woord verloopt dus als volgt:
2onderliggende orthografische vorm > verkorte orthografische vorm > verklanking
Hetzelfde geldt voor afkortingen. In de afkorting afko wordt de slotklinker gespannen uitgesproken omdat deze in een open lettergreep staat, terwijl in het onderliggende woord afkorting de o voor een ongespannen klinker staat.
Sommige lettercombinaties die uitspreekbaar zijn, worden toch uitgesproken als initiaalwoorden. De verkorting KRO van Katholieke Radio Omroep wordt niet uitgesproken als kro, maar als ka.ɛr.o. De keuze voor een interpretatie als initiaalwoord treedt vooral op bij verkortingen die tot éénlettergrepige verkortingswoorden zouden leiden. Dit is echter geen absolute regel, getuige een letterwoord als VU met de uitspraak vy voor Vrije Universiteit.
Zie Joosten (2002) voor een corpus-gebaseerd onderzoek van de uitspraakpatronen van letterwoorden. Joosten merkt op dat er variatie is. Zo wordt de afkorting RUG voor Rijksuniversiteit Groningen uitgesproken als rʏx, maar de afkorting RUG voor Rijksuniversiteit Gent als ɛr.y.ɣe
.
Niet alle afkortingen zijn gebaseerd op de orthografische vorm. Met name in informeel taalgebruik kan ook verkorting van de fonologische vorm van een woord plaats vinden, zoals in de volgende gevallen:
3bibliotheek /bibliotek/ > /bib/ uitgesproken als [bip]; gespeld als <bieb>
Mozes /mozəs/ > /moz/ uitgesproken als [mos]; gespeld als <Moos>
Peter /petər/ > /pet/; gespeld als <Peet>
kubieke (meter) /kybikə/ > /kyb/ uitgesproken als [kyp]; gespeld als <kuub>
In deze woorden is de spelling van het verkorte deel aangepast om de fonologische vorm van dat deel te kunnen handhaven: bib wordt bieb, etc. We zien dus dat verkortingen zowel een orthografische als een fonologische representatie als onderliggende vorm kunnen hebben.
Initiaalwoorden krijgen een welgevormde verklanking door voor iedere letter een syllabe uit te spreken. Voor klinkerletters is dit een klinker die op zich een welgevormde syllabe kan vormen. Daarom worden de letters voor ongespannen klinkers i, e, u, o, a dan als hun gespannen tegenhanger uitgesproken. Voor medeklinkerletters wordt een syllabe gemaakt door een klinker toe te voegen aan de medeklinker. Er zijn twee varianten: een ongespannen klinker voor, of een gespannen klinker na de medeklinker. Bij de x, die staat voor ks, wordt er een klinker I voor geplaatst. De z is uitzonderlijk, en wordt in de syllabe-uitspraak gevolgd door twee klanken: zɛt. Voor de uitspraak van medeklinkers als lettergrepen geldt de volgende conventie voor het Nederlands:
4Met ongespannen klinker voor de medeklinker
f       /ɛf/
l       /ɛl/
m    /ɛm/
n     /ɛn/
r      /ɛr/
s     /ɛs/
x     /Iks/
5Met gespannen klinker na de medeklinker
b     /be/
c     /se/
d     /de/
g     /ɣe/
h     /ha/
j      /je/
k     /ka/
p     /pe/
q     /ky/
t      /te/
v     /ve/
w    /we/
6Met ongespannen klinker plus medeklinker na de medeklinker
z     /zɛt/
De manier waarop medeklinkers worden omgevormd tot lettergrepen, onder meer voor de uitspraak van letterwoorden, is niet volledig arbitrair. Met name de keuze om de klinker na de medeklinker te plaatsen bij plofklanken en stemhebbende wrijfklanken is fonologisch te motiveren. Daarmee wordt namelijk het misleidend effect van Finale Verscherping vermeden. Als we bijvoorbeeld de letter b zouden uitspreken als de syllabe ɛb, dan zou de uitspraak ɛp zijn, zonder de beoogde b. Door de b in een aanzet te plaatsen, blijft deze een b. Bij de wrijfklanken is het onderscheid tussen v en f, en het onderscheid tussen z en s niet gemakkelijk hoorbaar. Het contrast wordt in de syllabe-uitspraak zo goed mogelijk weergegeven, doordat f en s aan het eind van een syllabe staan, en v en z aan het begin. Bovendien kan zo de c met de syllabe se onderscheiden worden van de s met de syllabe ɛs. De uitspraak van de z als zɛt  zorgt voor een duidelijk verschil met de uitspraak van de letter c. De letters k en q die dezelfde medeklinker-waarde hebben, worden van elkaar onderscheiden door een verschillende klinker. De h kan alleen hoorbaar gemaakt worden aan het begin van een syllabe, vandaar dat de klinker a hier op de h volgt. De j en de w kunnen niet volgen op een ongespannen klinker, en dus is de beste oplossing om er een klinker op te laten volgen.
Literatuur
    Interessante links
    ANS
    Taalportaal
    Taaladvies
    Versiegeschiedenis
    versie redacteur(en) datum opmerkingen
    3.0 Geert Booij september 2020
    2.1 januari 2019 Automatische conversie van ANS 2.0
    2.0 W. Haeseryn, K. Romijn, G. Geerts, J. de Rooij, M.C. van den Toorn 1997 hoofdstuk 1,../../data/archief/ans2/e-ans/01/body.html;
    Interessante links