Voorbeeldzoeker x
(typ in het invoerveld om het voorbeeld te wijzigen)
zoek dit voorbeeld in:
ANS

Woordenboeken

  • INT (500 AD - heden)
  • Etymologiebank
  • Woordenlijst.org

Corpora en lexica

  • Corpus Hedendaags Nederlands Clarin login
  • GrETEL (CGN, Lassy)
  • SoNar Clarin login
  • Delpher
  • Celex Clarin login

Overige bronnen

  • Taalportaal
  • Wikipedia
  • Google
  • DBNL geheel / taalkunde
  • Taaladvies.net
28.3.3.2.ii Het gebruik van het futurum praeteriti (zou(den) + infinitief) en het futurum exactum praeteriti (zou(den) + hebben/zijn + voltooid deelwoord)
Verder lezen
1
In modale functie kan in veel gevallen in plaats van het imperfectum van een werkwoord (zie i) ter uitdrukking van een niet-werkelijkheidsmodaliteit zou(den) met de infinitief van dat werkwoord gebruikt worden. Vergelijk:
1aAls ze me zouden aanbieden hier te komen werken, zou ik meteen ja zeggen.
bAls ze me aanboden hier te komen werken, zei ik meteen ja.
2aIk zou graag nog een weekje langer blijven, maar ik moet weer aan het werk.
bIk bleef graag nog een weekje langer, maar ik moet weer aan het werk.
3aAls ik geld zou hebben, zou ik op reis gaan.
bAls ik geld had, ging ik op reis.
In plaats van het plusquamperfectum (zie i) kan in modale functie ook wel zou(den) + hebben/zijn + voltooid deelwoord gebruikt worden. Vergelijk:
4aAls ze me aangeboden zouden hebben om hier te komen werken, zou ik meteen ja gezegd hebben.
bAls ze me aangeboden hadden om hier te komen werken, had ik meteen ja gezegd.
5aIk zou graag nog een weekje langer gebleven zijn, maar ik moest weer aan het werk.
bIk was graag nog een weekje langer gebleven, maar ik moest weer aan het werk.
6aAls ik in mijn jeugd geld gehad zou hebben, had ik veel meer gereisd.
bAls ik in mijn jeugd geld gehad had, had ik veel meer gereisd.
cAls ik in mijn jeugd geld gehad zou hebben, zou ik veel meer gereisd hebben.
dAls ik in mijn jeugd geld gehad had, zou ik veel meer gereisd hebben.
Uit de zinnen 6a t/m 6d blijkt dat het plusquamperfectum en de combinatie zou(den) + hebben/zijn + voltooid deelwoord elkaar kunnen afwisselen. De keuze voor de ene of de andere variant wordt voornamelijk door stilistische redenen bepaald. Men vergelijke:
7aAls ik in jouw plaats zou zijn geweest, was ik op reis gegaan.
bAls ik in jouw plaats was geweest, was ik op reis gegaan.
cAls ik in jouw plaats zou zijn geweest, zou ik op reis gegaan zijn.
dAls ik in jouw plaats was geweest, zou ik op reis gegaan zijn.
Hoewel de zinnen 7a t/m 7d alle grammaticaal zijn, zal men 7c eerder vermijden wegens de veelheid aan werkwoordsvormen en kiezen voor een van de andere mogelijkheden.
Een omschrijving met zou(den) kan ook gebruikt worden in plaats van het plusquamperfectum van een modaal hulpwerkwoord in combinatie met een zelfstandig werkwoord, bijv.:
8aJe zou natuurlijk hebben mogen komen luisteren, maar je was er helemaal niet.
bJe had natuurlijk mogen komen luisteren, maar je was er helemaal niet.
2a
Hoewel veel taalgebruikers geen onderscheid maken tussen het imperfectum en de zou(den)-pendant in modale functie en deze gewoon door elkaar gebruiken, blijkt er in een aantal gevallen wel een betekenisverschil tussen beide te bestaan. Substitutie is namelijk niet altijd mogelijk. Vergelijk (zie ook verderop, voorbeeld 33):
9aAls jullie de boot zouden verkopen, zou hij zich geen raad weten.
bAls jullie de boot verkochten, wist hij zich geen raad.uitgesloten
10aAls hij van voetballen zou houden, zou ik dat jammer vinden.
bAls hij van voetballen hield, vond ik dat jammer.uitgesloten
Ook zijn sommige conditionele zinnen in het imperfectum alleen mogelijk in een temporele interpretatie. Vergelijk:
11aAls je er wat van zou zeggen, zouden ze je ontslaan.
bAls je er wat van zei, ontsloegen ze je. (temporeel)
Zin 11b kan alleen betekenen dat het (daar) vroeger de gewoonte was je te ontslaan wanneer je van een bepaald iets wat zei.
2b
Het betekenisverschil tussen het imperfectum en de zou(den) -pendant is nogal subtiel en erg moeilijk te formuleren, maar het volgende lijkt zich af te tekenen.
  1. Het gebruik van het imperfectum heeft twee betekeniselementen, waarvan er steeds één op de voorgrond treedt:
    1. De spreker geeft aan te weten dat op het moment van spreken het tegendeel van het in de zin beweerde het geval is. We noemen dit de 'niet nu'-interpretatie.
    2. De spreker geeft aan te weten dat de beschreven situatie niet nu het geval is, maar wellicht op een willekeurig ander tijdstip wel het geval zou kunnen zijn. Hij geeft hiermee als het ware aan dat de handeling los gezien moet worden van de tijd en doet eigenlijk een algemene uitspraak. We noemen dit de 'algemene' interpretatie.
    Welk element op de voorgrond treedt, wordt bepaald door de vraag welke interpretatie zinvol is en dit hangt weer samen met de vraag welke kennis spreker en hoorder gemeen hebben. Alleen wanneer voor hoorder en spreker beiden het 'niet nu'-element duidelijk is, kan de 'algemene' interpretatie op de voorgrond treden. Voorbeeld:
    12Als je in het ziekenhuis lag, bezocht ik je iedere dag.
    Zin 12 heeft de strekking van een algemene bewering ('algemene' interpretatie). De spreker en hoorder weten immers beiden dat de aangesprokene (hoorder) op het moment van spreken niet in het ziekenhuis ligt.
    Wanneer hoorder en spreker die kennis over het 'niet nu'-element niet delen, dan prevaleert voor de hoorder of lezer de 'niet nu' -interpretatie. Voorbeeld:
    13Als ik geld had, kocht ik een fraai huis in Zuid-Duitsland.
    Het kiezen voor de ene interpretatie houdt niet in dat daarmee de andere verdwijnt. Beide zijn aanwezig. Voorbeeld:
    14Als je wat eerlijker keek, geloofde ik je.
    Zin 14 heeft twee interpretaties: 1. Ik geloof je niet, want je kijkt niet eerlijk genoeg ('niet nu' -interpretatie), en 2. Ik geloof mensen die wat eerlijker kijken dan jij ('algemene' interpretatie). Doordat de spreker in beide gevallen aangeeft dat de gebeurtenis zich niet op het moment van spreken voltrekt, doet hij in feite een uitspraak over de werkelijkheid. Bij de omschrijving met zou(den) is dat niet het geval (zie [2] hieronder).
    Wanneer hoorder en spreker de kennis omtrent het 'niet nu'-element delen, volgt overigens niet altijd automatisch de 'algemene' interpretatie. In conditionele zinnen waarin het imperfectum zowel in de bijzin van veronderstelling als in de rompzin optreedt, kan het voorkomen dat het 'niet-nu'-element evident is en toch geen aanleiding geeft voor de 'algemene' interpretatie. Voorbeeld:
    15Als dat zo was, stond ik hier niet.
    Met zin 15 wil de spreker niet beweren dat hij 'hier' staat, want dat is immers wel duidelijk (de 'niet-nu' -interpretatie). Ook wil hij niet beweren dat hij op een willekeurig ander tijdstip 'hier' niet zal staan ('algemene' interpretatie). Wat hij doet is: het feit dat hoorder en spreker de kennis delen dat hij 'hier' staat, gebruiken als bewijs voor zijn opvatting dat 'dat' niet zo is (een soort van bewijs uit het ongerijmde: ik sta hier wel, dus het is niet zo).
  2. De spreker die de combinatie zou(den) + infinitief gebruikt, stelt zich voor dat de gebeurtenis 'nu' plaatsvindt (of dat de toestand op het moment van spreken van kracht is). Hij gaat met andere woorden uit van het beweerde zonder te weten of het beweerde realiteit is of zal worden. We noemen dit de 'nu'-interpretatie. Voorbeeld:
    16Als Lars dat zou doen, zou ik de politie bellen.
    Zin 16 heeft maar één interpretatie, waarin de spreker stelt, dat aangenomen dat Lars iets doet (de spreker weet niet of hij het doet of zal doen), hij (de spreker) de politie belt ('nu' -interpretatie).
3
Met betrekking tot de verdeling van het imperfectum en de omschrijving met zou(den) over de bijzin van veronderstelling (als...) en de rompzin (dan...) van een samengestelde zin doen zich de volgende mogelijkheden voor:
bijzin rompzin
  1. zou(den) + infinitief zou(den) + infinitief
  2. imperfectum zou(den) + infinitief
  3. zou(den) + infinitief imperfectum
  4. imperfectum imperfectumWe bespreken hieronder de verschillende mogelijkheden nader.
    1. zou(den) + infinitief in zowel de bijzin als de rompzin;
      De spreker voorspelt wat er zal gebeuren of hoe de houding (van hemzelf of anderen) zal zijn in een bepaalde situatie waarvan hij zich voorstelt dat die nu bestaat (daarbij in het midden latend of die ook werkelijk bestaat of ooit zal bestaan). Voorbeelden:
      17Als je in het ziekenhuis zou liggen, zou ik je iedere dag bezoeken.
      18Als je mij met rust zou willen laten, zou ik dat erg op prijs stellen.
    2. imperfectum in de bijzin en zou(den) + infinitief in de rompzin;
      • 'niet-nu'-interpretatie: De spreker voorspelt wat er zal gebeuren of hoe de houding (van hemzelf of anderen) zal zijn in een bepaalde situatie, waarvan hij aangeeft te weten dat die op het moment van spreken niet bestaat. Voorbeeld:
        19Als je niet zo dom was, zou ik je misschien leuk vinden.
      • 'algemene' interpretatie: De spreker voorspelt wat er zal gebeuren of hoe de houding (van hemzelf of anderen) zal zijn in een bepaalde situatie, die hij zich voorstelt zonder daarbij een bepaald moment in de tijd voor ogen te hebben en die volgens hem op het moment van spreken niet bestaat. Voorbeeld:
        20Als je in het ziekenhuis lag, zou ik je iedere dag bezoeken.
    3. zou(den) + infinitief in de bijzin en imperfectum in de rompzin;
      Dit type komt niet vaak voor. Het kan alleen gebruikt worden als het imperfectum de 'algemene' interpretatie heeft.
      • 'algemene' interpretatie: De spreker doet een algemene uitspraak over wat er zal gebeuren of hoe de houding (van hemzelf of anderen) zal zijn in een bepaalde situatie, waarbij hij in het midden laat of deze werkelijk plaatsvindt of zal plaatsvinden. Voorbeelden:
        21Als Sinatra weer zou optreden, ging ik er heen.
        22Als je dat vaasje zou laten vallen, brak het.uitgesloten
        Zin 22 is uitgesloten vanwege het feit dat de 'niet nu'-interpretatie niet uitgesloten is (en dus op de voorgrond treedt), waarmee de spreker verwarring zaait (hoe kan hij immers weten dat het vaasje op het moment van spreken niet zal breken?). De 'algemene' interpretie kan niet op de voorgrond treden, omdat de 'niet nu'-interpretatie niet evident is.
      • 'niet nu'-interpretatie: Deze interpretatie is onmogelijk: het openlaten van de mogelijkheden in de bijzin van veronderstelling botst met de wetenschap dat het gestelde in de rompzin op het moment van spreken niet het geval is. Voorbeelden:
        23Als ze van Heinz zou houden, vond ik dat een mop.uitgesloten
        24Als dat zo zou zijn, verheugde me dat.uitgesloten
        25Als hij zou horen wat Kees doet, verloor hij zijn verstand.uitgesloten
        Werkwoorden als vinden, denken, menen, geloven, etc. zullen niet gauw de 'algemene' interpretatie krijgen, omdat spreker en hoorder slechts zelden kennis omtrent elkaars gedachtenwereld zullen delen en het ook moeilijk is met zekerheid te zeggen wat iemand gegeven bepaalde omstandigheden altijd zal denken, menen, geloven, etc. De volgende zinnen zijn dan ook uitgesloten:
        26Als je me niet ten dans zou vragen, dacht ik dat je me wilde beledigen.uitgesloten
        27Als je dat zou doen, vond ik je een eikel.uitgesloten
        In rompzinnen waarin niet of geen optreedt, wordt meestal het imperfectum gebruikt met de 'niet nu'-interpretatie. Daarom kunnen samengestelde zinnen met zou(den) + infinitief in de bijzin en het imperfectum in de rompzin uitsluitend gebruikt worden als het imperfectum in de rompzin overduidelijk de 'algemene' interpretatie heeft. Voorbeeld:
        28Als ik teveel zou roken, liep ik niet vier dagen na elkaar veertig kilometer.
    4. imperfectum in de bijzin en imperfectum in de rompzin;
      • de 'niet nu'-interpretatie treedt zowel in de bijzin als in de rompzin op de voorgrond;
        Er doen zich twee mogelijkheden voor:
        • De spreker geeft in de bijzin van veronderstelling aan dat een bepaalde situatie niet het geval is, zodat ook het gestelde in de rompzin niet het geval is. Voorbeeld:
          29Als je mijn zoon niet was, gaf ik je aan.
          Met zin 29 bedoelt de spreker: je bent mijn zoon, dus ik geef je niet aan.
        • De spreker wil het in de bijzin van veronderstelling gestelde ontkrachten door in de rompzin iets te stellen dat absoluut onwaar is. Hij levert als het ware een bewijs uit het ongerijmde. Voorbeeld:
          30Als ik zo'n hufter was, kwamen ze niet.
      • de 'algemene' interpretatie treedt in de bijzin en de rompzin op de voorgrond;
        De spreker geeft aan te weten wat er zal gebeuren in een bepaalde situatie, die hij zich voorstelt zonder daarbij een bepaald moment in de tijd voor ogen te hebben, en die volgens hem op het moment van spreken niet bestaat. Hij weet dit zo zeker dat hij een algemene uitspraak doet. Voorbeeld:
        31Als je in het ziekenhuis lag, bezocht ik je iedere dag.
      • in de bijzin treedt de 'niet nu'-interpretatie op de voorgrond en in de rompzin de 'algemene' interpretatie;
        De spreker doet een algemene uitspraak over wat er volgens hem (altijd) zal gebeuren in een bepaalde situatie, waarvan hij aangeeft dat die op het moment van spreken niet bestaat. Voorbeeld:
        32Als ik rijk was, lapte ik nooit meer zelf de ramen.
      • de 'algemene' interpretatie in de bijzin en de 'niet nu' -interpretatie in de rompzin;
        Dit is onmogelijk. De 'niet nu'-interpretatie legt namelijk automatisch dezelfde interpretatie op aan de rompzin. Voorbeelden:
        33Als jullie de boot verkochten, wist hij zich geen raad.uitgesloten
        34Als hij dat zag, werd hij vrolijk.uitgesloten
        De woorden nog, ook en zelfs draaien de 'niet nu'-interpretatie om, zodat de interpretatie gelijk wordt aan de 'algemene' interpretatie inclusief 'nu'. Vergelijk:
        35aAls je mijn zoon niet was, gaf ik je aan.
        bOok als je mijn zoon niet was, gaf ik je aan.
        In 35a is er sprake van de 'niet nu' -interpretatie: 'je bent mijn zoon, dus ik geef je niet aan'. In 35b wordt deze door het voorkomen van ook in de zin omgedraaid: 'het maakt niet uit of je mijn zoon bent of niet, ik geef je aan.'Wanneer de hoorder en de spreker beiden weten dat de genoemde gebeurtenissen niet op het moment van spreken plaatsvinden, is het verschil tussen het imperfectum en de omschrijving met zou(den) + infinitief zeer gering. Het imperfectum klinkt wat algemener of definitiever.
Literatuur
    Versiegeschiedenis
    versie redacteur(en) datum opmerkingen
    2.1 januari 2019 Automatische conversie van ANS 2.0
    2.0 W. Haeseryn, K. Romijn, G. Geerts, J. de Rooij, M.C. van den Toorn 1997
    Interessante links