15.4.1 Naamwoordelijke constituenten
Verder lezen
Bepaalde alleen niet-attributief bruikbare adjectieven kunnen verbonden
worden met een naamwoordelijke constituent of een vergelijkbaar element,
bijv.:
1(Ik ben) dat
gezeur moe.
2(De hoogleraar was) heel
wat talen machtig.
3(Het boek is) heel
veel waard.
De naamwoordelijke constituent of het vergelijkbare element staat steeds voor het adjectief.
In meer traditionele termen spreekt men in deze gevallen van een naamwoordelijk gezegde (bijv.
in 1
moe zijn) dat een oorzakelijk voorwerp (in
datzelfde voorbeeld dat gezeur) bij zich heeft. Zie
voor de behandeling hiervan [20.7.3].
Literatuur
Interessante links
ANS
Taaladvies
Dagenta
Taalportaal
Versiegeschiedenis
| versie | redacteur(en) | datum | opmerkingen |
| 2.1 | januari 2019 | Automatische conversie van ANS 2.0 | |
| 2.0 | W. Haeseryn, K. Romijn, G. Geerts, J. de Rooij, M.C. van den Toorn | 1997 |
