Voorbeeldzoeker x
(typ in het invoerveld om het voorbeeld te wijzigen)
zoek dit voorbeeld in:
ANS

Woordenboeken

  • INT (500 AD - heden)
  • Etymologiebank
  • Woordenlijst.org

Corpora en lexica

  • Corpus Hedendaags Nederlands Clarin login
  • GrETEL (CGN, Lassy)
  • SoNar Clarin login
  • Delpher
  • Celex Clarin login

Overige bronnen

  • Taalportaal
  • Wikipedia
  • Google
  • DBNL geheel / taalkunde
  • Taaladvies.net
15.4.1 Naamwoordelijke constituenten
Verder lezen
Bepaalde alleen niet-attributief bruikbare adjectieven kunnen verbonden worden met een naamwoordelijke constituent of een vergelijkbaar element, bijv.:
1(Ik ben) dat gezeur moe.
2(De hoogleraar was) heel wat talen machtig.
3(Het boek is) heel veel waard.
De naamwoordelijke constituent of het vergelijkbare element staat steeds voor het adjectief. In meer traditionele termen spreekt men in deze gevallen van een naamwoordelijk gezegde (bijv. in 1 moe zijn) dat een oorzakelijk voorwerp (in datzelfde voorbeeld dat gezeur) bij zich heeft. Zie voor de behandeling hiervan [20.7.2].
Literatuur
    Versiegeschiedenis
    versie redacteur(en) datum opmerkingen
    2.1 januari 2019 Automatische conversie van ANS 2.0
    2.0 W. Haeseryn, K. Romijn, G. Geerts, J. de Rooij, M.C. van den Toorn 1997
    Interessante links