Voorbeeldzoeker x
(typ in het invoerveld om het voorbeeld te wijzigen)
zoek dit voorbeeld in:
ANS

Woordenboeken

  • INT (500 AD - heden)
  • Etymologiebank
  • Woordenlijst.org

Corpora en lexica

  • Corpus Hedendaags Nederlands Clarin login
  • GrETEL (CGN, Lassy)
  • SoNar Clarin login
  • Delpher
  • Celex Clarin login

Overige bronnen

  • Taalportaal
  • Wikipedia
  • Google
  • DBNL geheel / taalkunde
  • Taaladvies.net
2.3.2.8.ii De vorming van het presens (onvoltooid tegenwoordige tijd, o.t. t.)
Verder lezen
Zowel bij de regelmatige werkwoorden als bij de onregelmatige werkwoorden-a komen in het presens drie verschillende vormen voor: de stam, stam + t en de infinitiefvorm.
De stam wordt gebruikt in de eerste persoon enkelvoud en als de persoonlijke voornaamwoorden jij of je (als onderwerp) rechts van de persoonsvorm staan: ik werk, ik kom; werk jij, kom je
De infinitiefvorm wordt gebruikt in de eerste en derde persoon meervoud en als jullie onderwerp is: wij werken, jullie komen, de leerlingen werken Voor de uitspraak van de slot-n vergelijk [2.3.2.2].
Stam + t wordt gebruikt in de overige gevallen: als een persoonlijk voornaamwoord van de tweede persoon (jij, je; u; gij, ge) onderwerp is, afgezien van jullie en het in de tweede alinea genoemde gebruik van jij of je, alsmede in de derde persoon enkelvoud: jij werkt, u komt, hij werkt
Opmerking
Verdieping
Opmerking
Als jullie onderwerp is en vóór de persoonsvorm staat, komt ook stam + t voor: jullie werkt, jullie komt. Deze vormen zijn echter weinig gebruikelijk.
Opmerking
Verdieping
Opmerking
Van de werkwoorden verzoeken, schrijven en zeggen komen vormen van de eerste persoon enkelvoud op -e voor, waarbij ik wordt weggelaten. Deze vormen hebben het karakter van vaste uitdrukkingen:
i Verzoeke spoedig te antwoorden.
iiZegge en schrijve _ 125, -.
Opmerking
Verdieping
Opmerking
In gesproken taal komen in enkele presensvormen van de eerste en tweede persoon enkelvoud vervoegingen voor met zogenaamde stamreductie. Dat is het geval bij werkwoorden waarvan de stam eindigt op een d (in de spelling) na een klinker of na r of n. De d (normaal gesproken als t) verdwijnt dan. Ook in geschreven taal wordt de d vaak achterwege gelaten (vergelijk (2.3.2.5, opmerking)). Zo komen voor:
iIk hou niet van vis.
iiRij jij of rij ik?
iiiSnij jij het vlees even?
van respectievelijk de werkwoorden houden, rijden en snijden. Beperkt tot informeel taalgebruik zijn overeenkomstige vormen van respectievelijk vinden, worden en (op)winden, bijv. in:
ivVin je dat leuk?informeel
vIk vin van wel.informeel
viIk wor niet goed.informeel
viiHoe win je zo'n klok op?informeel
Literatuur
    Versiegeschiedenis
    versie redacteur(en) datum opmerkingen
    2.1 januari 2019 Automatische conversie van ANS 2.0
    2.0 W. Haeseryn, K. Romijn, G. Geerts, J. de Rooij, M.C. van den Toorn 1997
    Interessante links