Voorbeeldzoeker x
(typ in het invoerveld om het voorbeeld te wijzigen)
zoek dit voorbeeld in:
ANS

Woordenboeken

  • INT (500 AD - heden)
  • Etymologiebank
  • Woordenlijst.org

Corpora en lexica

  • Corpus Hedendaags Nederlands Clarin login
  • GrETEL (CGN, Lassy)
  • SoNar Clarin login
  • Delpher
  • Celex Clarin login

Overige bronnen

  • Taalportaal
  • Wikipedia
  • Google
  • DBNL geheel / taalkunde
  • Taaladvies.net
21.3.5.1 Inleiding
Verder lezen
Gewoonlijk wordt de eerste zinsplaats bezet door één enkel zinsdeel. In [21·3·1·1/1] is al aangegeven dat soms niet een volledig zinsdeel maar slechts een stuk daarvan vóór de voor-pv staat. Als voorbeeld is daar genoemd een naamwoordelijke constituent minus de nabepaling in de vorm van een betrekkelijke bijzin (die jongen...die je daar ziet). Afgezien daarvan zijn er nog enkele andere gevallen te onderscheiden waarbij minder dan een zinsdeel op de eerste zinsplaats staat. In de volgende subparagrafen worden vier mogelijkheden besproken: het eerste deel van een voornaamwoordelijk bijwoord op de eerste zinsplaats (bijv. waar...over; zie [21·3·5·2]), een vragend of uitroepend voornaamwoord in gevallen als wat...voor (zie [21·3·5·3]), een onvolledige naamwoordelijke constituent (zie [21·3·5·4]) en ten slotte een voorzetselconstituent zonder het voorzetsel (bijv. ijs (is hij dol) op; zie [21·3·5·5]).
Literatuur
    Versiegeschiedenis
    versie redacteur(en) datum opmerkingen
    2.1 januari 2019 Automatische conversie van ANS 2.0
    2.0 W. Haeseryn, K. Romijn, G. Geerts, J. de Rooij, M.C. van den Toorn 1997
    Interessante links