Voorbeeldzoeker x
(typ in het invoerveld om het voorbeeld te wijzigen)
zoek dit voorbeeld in:
ANS

Woordenboeken

  • INT (500 AD - heden)
  • Etymologiebank
  • Woordenlijst.org

Corpora en lexica

  • Corpus Hedendaags Nederlands Clarin login
  • GrETEL (CGN, Lassy)
  • SoNar Clarin login
  • Delpher
  • Celex Clarin login

Overige bronnen

  • Taalportaal
  • Wikipedia
  • Google
  • DBNL geheel / taalkunde
  • Taaladvies.net
1.2.5.2 Fonologische eigenschappen van woordklassen
Er is een verband tussen de woordsoort en de fonologische vorm van een woord. Met name werkwoorden hebben een beperkte fonologische vorm, althans ongelede werkwoorden. De stam van zulke werkwoorden bestaat meestal uit één lettergreep, of twee, als de tweede een sjwa bevat, zoals in fluister en stamel.
Zie Trommelen (1989).
Uitzonderingen zijn werkwoorden als ravotten en neuriën waarin de tweede lettergreep van de stam een volle vocaal bevat. Andere werkwoorden met twee volle vocalen in de stam zijn afgeleid van zelfstandige naamwoorden, zoals de werkwoorden ruziën en sjoelbakken, gevormd op basis van de zelfstandige naamwoorden ruzie en sjoelbak. Zelfstandige naamwoorden, ook ongelede, hebben veel meer variatie in fonologische vorm, zoals bijvoorbeeld de drielettergrepige zelfstandige woorden andijvie, paraplu, en postelein laten zien. Taalgebruikers blijken deze informatie ook te kunnen gebruiken om de woordsoort van een woord te bepalen.
Zie Don & Erkelens (2006).
Verder lezen
Literatuur
    Versiegeschiedenis
    versie redacteur(en) datum opmerkingen
    3.0 Geert Booij juli 2020
    Interessante links