Voorbeeldzoeker x
(typ in het invoerveld om het voorbeeld te wijzigen)
zoek dit voorbeeld in:
ANS

Woordenboeken

  • INT (500 AD - heden)
  • Etymologiebank
  • Woordenlijst.org

Corpora en lexica

  • Corpus Hedendaags Nederlands Clarin login
  • GrETEL (CGN, Lassy)
  • SoNar Clarin login
  • Delpher
  • Celex Clarin login

Overige bronnen

  • Taalportaal
  • Wikipedia
  • Google
  • DBNL geheel / taalkunde
  • Taaladvies.net
21.2.3.2 Afhankelijke zinnen
Verder lezen
1a
Evenals bij zinstype 1a is de hoofdzinsvolgorde van zinstype 1b kenmerkend voor zelfstandige zinnen. Toch hebben ook sommige afhankelijke zinnen deze volgorde.
De meest elementaire vorm van een afhankelijke zin met hoofdzinsvolgorde is een voorwerpszin in de directe rede, zoals de imperatiefzin en de ja/nee-vraag in respectievelijk de voorbeelden:
1(Hij snauwde: ) '|Eet| je bord leeg!'
2(Toen zei ze: ) '|Begrijp| je nu waarom?'
Ja/nee-vragen in de semi-directe rede hebben dezelfde woordschikking als onafhankelijke ja/nee-vragen:
3(Piet vroeg zich af: ) |had| hij Marina misschien beter op |kunnen bellen? |
1b
Soortgelijke gevallen doen zich voor bij het type onderwerps- en voorwerpszinnen met hoofdzinsvolgorde dat gebruikt kan worden als stilistische variant van of-zinnen. Vergelijk bijvoorbeeld de volgende (a)- en (b)-zinnen:
4a(Het probleem is: ) |kun| je zoiets überhaupt wel |doen?|zinstype 1b
b(Het probleem is) |of| je zoiets überhaupt wel |kunt doen. |zinstype 2
5a(Hij was er niet zeker van: ) |mocht| ze hem wel?zinstype 1b
b(Hij was er niet zeker van) |of| ze hem wel |mocht. |zinstype 2
2
Ook bij de volgende afhankelijke zinnen is de voor-pv eerste zinsdeel:
  • zinnen zonder voegwoord die een veronderstelling of voorwaarde uitdrukken, van de types:
    6|Mocht| je tien uur te vroeg |vinden|, (dan wil ik ook wel om half elf vertrekken.)
    7|Leest| hij het boek niet | |, (dan moet hij het maar gauw terugbezorgen.)
    8|Had| hij maar naar ons |geluisterd|, (dan zou hij zich nu niet in een lastig parket bevinden.)
    Voor het gebruik van afhankelijke zinnen met mogen (regionaal met moeten) zie men [18·5·4·4/iid2a] (respectievelijk iib 2).
  • toegevende zinnen zonder voegwoord zoals:
    9|Was | de reclame groot | |, (toch bleef het succes maar klein.)formeel
    10|Gedroeg | hij zich in het begin nogal verlegen | |, (gaandeweg ontpopte de jongen zich als een echte deugniet.)formeel
    11|Doe| je nog zo je best | |, (je wordt toch niet geapprecieerd.)
    12|Laat| hij nog zo hard |werken|, (hij haalt het niet.)
    Zulke zinnen komen vooral voor in formeel taalgebruik. Vergelijk [10·3·9·1/2]. Verwant hiermee zijn zinnen die een (meestal temporele) tegenstelling uitdrukken, zoals:
    13|Waren | er vroeger nog veel bossen | |, (nu zijn het er beduidend minder.)formeel
  • afhankelijke zinnen met diverse betekenissen, voorkomend in informeel taalgebruik, zoals:
    14|Smeer | ik een keer boterhammen | |, (eet je ze niet op!)informeel
    15|Heeft |-ie eindelijk een baan | |, (komt-ie niet opdagen!)informeel
    16|Kom | ik gisteren in de stad | |, (wie zie ik daar?)informeel
    Het gebruik van dergelijke zinnen is kenmerkend voor een levendige verteltrant.
Bij de hier vermelde afhankelijke zinnen is er alleen sprake van een inhoudelijke afhankelijkheid ten opzichte van de erop volgende deelzin. Ze worden door komma-intonatie van die volgende zin afgescheiden. Syntactisch maken ze geen deel uit van die tweede deelzin, maar ze staan in de aanloop ervan (zie [21·8·2·2], waar ook het al dan niet optreden van woorden als dan en toch in de tweede deelzin behandeld wordt).
Literatuur
    Versiegeschiedenis
    versie redacteur(en) datum opmerkingen
    2.1 januari 2019 Automatische conversie van ANS 2.0
    2.0 W. Haeseryn, K. Romijn, G. Geerts, J. de Rooij, M.C. van den Toorn 1997
    Interessante links