Voorbeeldzoeker x
(typ in het invoerveld om het voorbeeld te wijzigen)
zoek dit voorbeeld in:
ANS

Woordenboeken

  • INT (500 AD - heden)
  • Etymologiebank
  • Woordenlijst.org

Corpora en lexica

  • Corpus Hedendaags Nederlands Clarin login
  • GrETEL (CGN, Lassy)
  • SoNar Clarin login
  • Delpher
  • Celex Clarin login

Overige bronnen

  • Taalportaal
  • Wikipedia
  • Google
  • DBNL geheel / taalkunde
  • Taaladvies.net
12.4.2.3.2.c Met een ander woord als grondwoord
Verder lezen
Door middel van het onbeklemtoonde achtervoegsel -lijk zijn van een voorzetselbijwoord afgeleid: achterlijk, voorlijk en met tussenvoeging van -er-: innerlijk, uiterlijk.
In een paar gevallen komen afleidingen met een adjectief als grondwoord voor. Voorbeelden met -zaam zijn langzaam en gemeenzaam. Andere gevallen met -zaam zonder dat synchroon een afleidingsbasis aan te wijzen is, zijn onder meer bedachtzaam, behulpzaam, moeizaam, onachtzaam, zelfgenoegzaam. Een afleiding met -baar van een adjectief is openbaar (met wisselend accent); zonder een synchroon voorhanden afleidingsbasis: bruikbaar. Afleidingen met -(e)lijk zijn openlijk, ziekelijk, lieflijk, kouwelijk, ouwelijk. Vergelijk verder [6.3.1.5].
Opmerking
Verdieping
Opmerking
Bij afleidingen die gevormd worden met -lijk (met sjwa uitgesproken) doen zich wel eens moeilijkheden voor in de keuze tussen -lijk of -elijk. In verband met de tussenklank -e- (eveneens uitgesproken als een sjwa) kunnen de volgende hulpregels wellicht enig houvast bieden, waarbij opgemerkt moet worden dat -elijk in gesproken taalgebruik algemener voorkomt dan in geschreven taalgebruik.
  1. Als het grondwoord uitgaat op r treedt nooit -e- op, bijv. gebeurlijk, gevaarlijk, bestuurlijk.
    [2a] Als het grondwoord eindigt op p, t, k, b of d, wordt -e- ingevoegd, behalve als [3a] geldt, bijv. gemeenschappelijk, hopelijk, wettelijk, onmetelijk, verschrikkelijk, zakelijk, hebbelijk, goddelijk, vermoedelijk, vriendelijk. (In de geschreven taal worden de spellingsregels toegepast, in de gesproken taal de uitspraakregels.)
    [2b] In andere gevallen, zie [3].
    [3a] Als de laatste lettergreep van het grondwoord een sjwa bevat, of anderszins onbeklemtoond is, treedt nooit -e- op, bijv. wereldlijk, avondlijk, openlijk, zaliglijk, vaderlijk; koninklijk.
    [3b] In andere gevallen treedt gewoonlijk wel -e- op, maar zie [4] t/m [7].
  2. Het grondwoord eindigt op n.
    [4a] Als de n voorafgegaan wordt door een lange klinker of een tweeklank, wordt geen -e- ingevoegd, bijv. aanzienlijk, (on)doenlijk, fortuinlijk, gewoonlijk, pijnlijk.
    [4b] In andere gevallen wordt meestal -e- ingevoegd, bijv. mannelijk, kennelijk, onoverwinnelijk, met als minder gewone nevenvormen manlijk, kenlijk, onoverwinlijk.
  3. Het grondwoord eindigt op ch (vaak als g geschreven).
    [5a] Na geschreven g wordt gewoonlijk geen tussenklank geschreven, bijv. bedrieglijk, beweeglijk, ontzaglijk, vaaglijk, werktuiglijk. Soms komen beide vormen voor: walg(e) lijk, zorg(e) lijk. Altijd met -e- komt voor: hertogelijk ( aartshertogelijk, groothertogelijk).
    [5b] Na een geschreven ch schrijft men -e-: belachelijk, hachelijk.
  4. Het grondwoord eindigt op f.
    [6a] Na een lange klinker of een tweeklank, zijn beide vormen mogelijk, bijv. ongelofelijk/ongelooflijk, gerief(e)lijk, vergefelijk/vergeeflijk, lief(e)lijk, slafelijk/slaaflijk, lijf(e)lijk, onbeschrijf(e)lijk.
    [6b] In andere gevallen wordt vrijwel altijd de tussenklank -e- ingevoegd, bijv. erfelijk, verderfelijk, (on)sterfelijk, stoffelijk, boetstraffelijk.
  5. Het grondwoord eindigt op s.
    [7a] Na een lange klinker of een tweeklank, zijn beide vormen mogelijk, bijv. ongeneselijk/ongeneeslijk, verkies(e)lijk, afgrijs(e)lijk, huis(e)lijk, maar altijd: pauselijk, ijselijk, wijselijk.
    [7b] In andere gevallen wordt vrijwel altijd -e- ingevoegd, bijv. toepasselijk, misselijk, menselijk, valselijk.
Literatuur
    Versiegeschiedenis
    versie redacteur(en) datum opmerkingen
    2.1 januari 2019 Automatische conversie van ANS 2.0
    2.0 W. Haeseryn, K. Romijn, G. Geerts, J. de Rooij, M.C. van den Toorn 1997
    Interessante links