Voorbeeldzoeker x
(typ in het invoerveld om het voorbeeld te wijzigen)
zoek dit voorbeeld in:
ANS

Woordenboeken

  • INT (500 AD - heden)
  • Etymologiebank
  • Woordenlijst.org

Corpora en lexica

  • Corpus Hedendaags Nederlands Clarin login
  • GrETEL (CGN, Lassy)
  • SoNar Clarin login
  • Delpher
  • Celex Clarin login

Overige bronnen

  • Taalportaal
  • Wikipedia
  • Google
  • DBNL geheel / taalkunde
  • Taaladvies.net
12.4.1 De accentuering van afgeleide en samengestelde adjectieven
Verder lezen
In de deelparagrafen over de vorming van adjectieven worden accentkwesties alleen expliciet vermeld in gevallen waarover voldoende duidelijkheid bestaat. Voor de overige gevallen kunnen de volgende algemene tendenties aangegeven worden. Bij attributief gebruikte adjectieven ligt het hoofdaccent in het algemeen op het voorvoegsel in afleidingen (voorzover dat voorvoegsel beklemtoonbaar is) en op het eerste lid in samenstellingen. Bij predicatief gebruik van het adjectief ligt het hoofdaccent in het algemeen op het grondwoord van afleidingen of op het laatste lid in samenstellingen - het zogenaamde hoofd, dat bepalend is voor de woordsoort -, behalve bij contrast. Voorbeelden met een dergelijk wisselend accent zijn:
1aóndiep water
bHet water is hier erg ondíep.
2aeen ánti-Duitse houding
bHij is nogal anti-Dúits.
3asúikervrije kauwgom
b(Hoe is die kauwgom?) Suikervríj natuurlijk.
4apláátsgebonden gewoontes
bHeel wat gewoontes zijn erg plaatsgebónden.
Literatuur
    Versiegeschiedenis
    versie redacteur(en) datum opmerkingen
    2.1 januari 2019 Automatische conversie van ANS 2.0
    2.0 W. Haeseryn, K. Romijn, G. Geerts, J. de Rooij, M.C. van den Toorn 1997
    Interessante links