Voorbeeldzoeker x
(typ in het invoerveld om het voorbeeld te wijzigen)
zoek dit voorbeeld in:
ANS

Woordenboeken

  • INT (500 AD - heden)
  • Etymologiebank
  • Woordenlijst.org

Corpora en lexica

  • Corpus Hedendaags Nederlands Clarin login
  • GrETEL (CGN, Lassy)
  • SoNar Clarin login
  • Delpher
  • Celex Clarin login

Overige bronnen

  • Taalportaal
  • Wikipedia
  • Google
  • DBNL geheel / taalkunde
  • Taaladvies.net
12.2.2.2.ii.1.a scheidbaar
Verder lezen
Er kunnen drie betekenisgroepen onderscheiden worden.
  1. Aan voegt aan het werkwoord de betekenis 'nabijheid' of 'oppervlakkig contact' toe. Het procédé is productief. Voorbeelden zijn: aanbouwen, aandoen, aangeven, aangorden, aankleden, aankoppelen en aanspelden, zoals in:
    1Ik zou die hanger maar niet aanspelden als ik jou was.
    In een aantal gevallen is bovendien een betekenismoment van 'richting' of 'gerichtheid' aanwezig. Voorbeelden met deze betekenis zijn onder andere: aandragen, aansjouwen, aankijken, aanleveren, aanblaffen en aangooien, zoals in:
    2Als jij nu even omloopt, dan kan ik je het touw aangooien.
  2. In een beperkt aantal gevallen geeft het met aan gevormde werkwoord het begin aan van de werking die door het werkwoord zonder aan wordt uitgedrukt. Men spreekt in dergelijke gevallen van een inchoatief betekenismoment. Zo betekent het vlees aansnijden: 'het vlees beginnen te snijden'. Het procédé is met deze betekenis niet productief. Andere voorbeelden zijn: aanbraden, aangloeien.
  3. De derde groep is productief. Het gebruik van de betrokken werkwoorden is beperkt tot informele taal. Werkwoorden als aankletsen, aanzeuren, met de betekenis '(bij voortduring) onsamenhangend kletsen, enz.' drukken een negatieve waardering uit. De aldus gevormde werkwoorden kunnen in een zin alleen maar voorkomen als het woordje maar aanwezig is, bijv.:
    3Hij ettert maar wat aan.informeel
    4Laat hem maar aanleuteren.informeel
Opmerking
Verdieping
Opmerking
Voor de combinatie van het werkwoord komen met de infinitief of het voltooid deelwoord van een met aan- gecombineerd werkwoord (bijv. Hij komt aanlopen/aangelopen) zie [18.5.3]. Dergelijke combinaties met aan- komen niet of nauwelijks in de persoonsvorm voor.
Opmerking
Verdieping
Opmerking
Vormingen van het type 'aan + werkwoord' kunnen naar de betekenis tot meer dan één groep behoren. Zo hoort aanschreeuwen in ia tot de eerste groep en in ib tot de derde:
iaIk schreeuwde hem aan.
bHij laat dat kind maar aanschreeuwen.informeel
Het werkwoord aandoen in iia en iib is tot de eerste groep te rekenen, in iic tot de tweede:
iiaHet schip deed de haven aan.
bZe deed haar vest aan.
cIk doe de lamp aan.
Terloops zij opgemerkt dat aandoen ook voorkomt in een niet-systematisch af te leiden betekenis. Vergelijk de uitdrukkingen: (iemand) een proces aandoen en (iets kan) onaangenaam aandoen.
Literatuur
    Versiegeschiedenis
    versie redacteur(en) datum opmerkingen
    2.1 januari 2019 Automatische conversie van ANS 2.0
    2.0 W. Haeseryn, K. Romijn, G. Geerts, J. de Rooij, M.C. van den Toorn 1997
    Interessante links