Voorbeeldzoeker x
(typ in het invoerveld om het voorbeeld te wijzigen)
zoek dit voorbeeld in:
ANS

Woordenboeken

  • INT (500 AD - heden)
  • Etymologiebank
  • Woordenlijst.org

Corpora en lexica

  • Corpus Hedendaags Nederlands Clarin login
  • GrETEL (CGN, Lassy)
  • SoNar Clarin login
  • Delpher
  • Celex Clarin login

Overige bronnen

  • Taalportaal
  • DBNL
  • Taaladvies.net
  • Wikipedia
  • Google
6.3.1.3 Zelfstandig gebruik van adjectieven
Verder lezen
Zelfstandig gebruikte adjectieven kan men aantreffen in gevallen als:
1Er zijn duidelijke afspraken en onduidelijke.
2We verkopen witte druiven en blauwe.
3Er dient een onderscheid gemaakt te worden tussen gezonde kinderen en zieke.
waarin men onduidelijke, blauwe en zieke gemakkelijk vanuit de context kan aanvullen met respectievelijk de substantieven afspraken, druiven en kinderen. In dergelijke combinaties noemen we de adjectieven binnentekstelijk zelfstandig gebruikt. Vergelijkbare gevallen doen zich voor in de volgende zinnen:
4aReik je me eerst even die grote dozen aan, en dan die kleine?
b(Reik je me die dozen even aan?) Eerst die grote als je wil, daarna die kleine.
5Een lang werkstuk is op zich nog niet beter dan een kort.
6De derde oplossing is de goede.
7In gevallen als de zojuist opgesomde is aanvulling niet onmogelijk.
8(Mijn broer heeft drie dochters.) Anita is de grootste.
Ook in deze voorbeelden kunnen de gecursiveerde combinaties telkens vanuit de context (dezelfde zin of een voorafgaande zin, bijv. 4b en 8) aangevuld worden. (Wij noemen ook de adjectieven in deze combinaties zelfstandig gebruikt. Anderen beschouwen de adjectieven in de tot nog gegeven voorbeelden als adjectieven die bijvoeglijk gebruikt zijn bij een weggelaten kern.) Is een aanvulling alleen uit de situatie mogelijk, dan spreken we van buitentekstelijk zelfstandig gebruik van een adjectief, bijv. in 9:
9(wijzend naar bloemen waarvan men de naam niet kent: ) Doet u maar een bos van die gele.
Soms ligt een concrete aanvulling vanuit de context of de situatie niet voor de hand, bijv. in:
10Napoleon wou de grootste zijn.
11Ze gelden als de verstandigste(n) van hun jaar.
In 10 kan naar believen aangevuld worden:
mens, veldheer, staatsman.
, enz., in 11:
leerlingen, kinderen
, enz. In zulke gevallen doet zich een overgang voor naar gesubstantiveerde adjectieven, die los van enige context of situatie begrepen kunnen worden. Hebben deze bijv. betrekking op personen, dan worden er mensen in het algemeen met de door het adjectief genoemde eigenschap mee aangeduid. Voorbeelden zijn:
12De groten zijn groot dank zij de kleinen. ('wie groot, resp. klein is')
13De zwakke moet het met list winnen van de sterke ('iemand die zwak, resp. sterk is', 'de mens die zwak, resp. sterk is')
Vergelijk in dit verband nog 14a met 14b:
14aDe zieken mochten de eerste dagen nog geen bezoek ontvangen. ('de patiënten'; gesubstantiveerd adjectief)
bDe gezonde soldaten mochten met verlof gaan, de zieke moesten in het hospitaal blijven. (binnentekstelijk zelfstandig gebruikt adjectief)
Gesubstantiveerde adjectieven worden in de ANS beschouwd als substantieven (zie 12.4.4.1 en 12.4.2.2.1).
Het onderscheid tussen binnentekstelijk en buitentekstelijk zelfstandig loopt parallel met dat bij de voornaamwoorden [5.1.2].
Opmerking
Verdieping
Opmerking
In de geschreven taal krijgen buitentekstelijk zelfstandig gebruikte adjectieven gewoonlijk en gesubstantiveerde adjectieven altijd een -n als uitgang als ze betrekking hebben op meerdere personen. Voorbeelden hiervan zijn respectievelijk:
iZe behoren tot de best betaalden in deze maatschappij.
iiIeder jaar op 11 november worden de gevallenen herdacht.
Andere voorbeelden van gesubstantiveerde adjectieven in het meervoud zijn de zwarten, de jongeren.
Literatuur
    Interessante links
    ANS
    Taalportaal
    Taaladvies
    Versiegeschiedenis
    versie redacteur(en) datum opmerkingen
    2.1 januari 2019 Automatische conversie van ANS 2.0
    2.0 W. Haeseryn, K. Romijn, G. Geerts, J. de Rooij, M.C. van den Toorn 1997
    Interessante links