Voorbeeldzoeker x
(typ in het invoerveld om het voorbeeld te wijzigen)
zoek dit voorbeeld in:
ANS

Woordenboeken

  • INT (500 AD - heden)
  • Etymologiebank
  • Woordenlijst.org

Corpora en lexica

  • Corpus Hedendaags Nederlands Clarin login
  • GrETEL (CGN, Lassy)
  • SoNar Clarin login
  • Delpher
  • Celex Clarin login

Overige bronnen

  • Taalportaal
  • DBNL
  • Taaladvies.net
  • Wikipedia
  • Google
20.6.3 Een overzicht van gezegden met een voorzetselvoorwerp
Hieronder volgt een overzicht van gezegden die voorkomen met een voorzetselvoorwerp, gerangschikt per voorzetsel. Het overzicht is niet uitputtend, maar dient ter illustratie. Zowel werkwoordelijke als naamwoordelijke gezegden zijn opgenomen.
Gezegden waarbij dezelfde participant ook als lijdend voorwerp of oorzakelijk voorwerp kan worden uitgedrukt, hebben dubbele haakjes (). Voorbeelden zijn zoeken (), dat met en zonder naar kan voorkomen, en zich bewust zijn (), dat met en zonder van kan voorkomen:
1aIk zoek naar mijn sleutels.voorzetselvoorwerp
bIk zoek mijn sleutels.lijdend voorwerp
2aZe waren zich van het gevaar niet bewust.voorzetselvoorwerp
bZe waren zich het gevaar niet bewust.oorzakelijk voorwerp
Als een gezegde een voorzetselvoorwerp met verschillende voorzetsels bij zich kan hebben, zoals denken om/aan/over, dan staat het bij elk van de voorzetsels vermeld. Zinsdelen die niet tot het gezegde behoren, maar voor de duidelijkheid erbij vermeld worden, staan tussen haakjes, zoals (niets/iets/veel/weinig/…) bij afdoen aan.
Bij bijna-synonieme gezegden is binnen één voorzetsel slechts één gezegde opgenomen. Zo staat neerkijken op bijvoorbeeld wel in het overzicht, maar neerzien op niet. Naast beginnen met zijn bijvoorbeeld ook starten met, aanvatten met, aanvangen met en een begin maken met mogelijk, al staan ze niet in het overzicht. Ook verdiept zijn in ontbreekt, omdat zich verdiepen in er wel staat. Hetzelfde geldt voor vormelijk nauw verwante gezegden: baat vinden bij en gebaat zijn bij worden niet vermeld, omdat baat hebben bij er al in staat.
Verder lezen
Voorzetsel Gezegde
aan
aandacht besteden
aandeel hebben
afbreuk doen
(niets/iets/veel/weinig/...) afdoen
beginnen
behoefte hebben
belang hechten
blootstaan
bouwen ()
een broertje dood hebben
zich bezondigen
deelnemen
denken
zich ergeren
gebrek hebben
geen boodschap hebben
gehecht zijn
gehoorzamen ()
(iets/veel/weinig/...) gelegen zijn
geloven ()
gewoon zijn
grenzen
haperen, (iets/veel/weinig/...) hebben
(zich) hechten
een hekel hebben, herinneren
zich houden
inboeten
knutselen ()
lak hebben
liggen, lijden
onderhevig zijn
onderwerpen
ontbreken
ontkomen
ontlenen
zich onttrekken
zich overgeven
de pest hebben
plezier beleven
prijsgeven
raken
refereren
ruiken ()
schaven ()
schrijven ()
schuldig zijn
zich storen
tegemoetkomen
zich tegoed doen
ten onder gaan
(niet/(niet) zwaar) tillen
timmeren ()
toe zijn
toegeven
toekomen
toeschrijven
tornen
trekken ()
trouw zijn
twijfelen
vasthouden ()
verbinden
zich vergapen
verknocht zijn
zich verslingeren
zich wagen
verwant zijn
verzaken ()
voldoen
voorbijgaan
de voorkeur geven
vreemd zijn
wanhopen
weerstaan ()
wennen
werken
zich wijden
wijten
achter
(erachter) komen (dat)
zich scharen
bij
zich aansluiten
baat/belang hebben
betrekken
blijven
het houden/laten
horen
zich neerleggen
passen
stilstaan
(iets/veel/weinig/…) vergeleken zijn
volharden
zweren
door
vervangen
in
aandeel hebben
bedreven zijn
behagen scheppen
belang stellen
berusten
betrekken
delen ()
een eer stellen
eindigen
erg hebben
geïnteresseerd zijn
gelijk hebben
geloven
genoegen scheppen
groeien
kwaad zien
zich misrekenen
opgaan
de pest hebben
plezier hebben
resulteren
zich schikken
slagen
teleurgesteld zijn
toestemmen
zich verdiepen
zich vergissen
zich verheugen
zich verkneukelen
vertrouwen
volharden
voorzien
(iets/veel/weinig/...) zien
zin hebben
met
afrekenen
zich amuseren
begaan zijn
beginnen
behept zijn
bekend zijn
bekronen
belasten
belonen
zich bemoeien
bevriend zijn
zich bezighouden
bezig zijn
blij zijn
breken
confronteren
de draak steken
dwepen
eindigen
gebaat zijn
niet gediend zijn
gelijkstaan
gelukwensen
gemeen hebben
genoegen nemen
gooien ()
in aanraking brengen
kampen met
komen
ingenomen zijn
zich inlaten
in verband staan
in zijn maag zitten
in zijn schik zijn
kampen
kennismaken
klaar zijn
korte metten maken
lachen
een loopje nemen
medelijden hebben
meegaan
morsen ()
zich onledig houden
(niets/niet veel/weinig/...) ophebben
ophouden
opschepen
overeenstemmen
overladen
overweg kunnen
raad weten
rekening houden
samenhangen
schermen
sjouwen ()
sollen
spotten
strijden
sympathiseren
te maken hebben
tevreden zijn
tobben
trouwen
uitpakken
van plan zijn
vechten
verband houden
verbinden
vergelijken
zich vergenoegen
verlegen zijn
vertrouwd zijn
verwant zijn
(zich) verzoenen
voldaan zijn
volstaan
(iets/het goed) voorhebben
voortgaan
vrede hebben
vrijen
wedijveren
worstelen
zijn voordeel doen
(ermee) zitten (dat)
naar
begerig zijn
bellen ()
benieuwd zijn
bijten ()
gissen
grijpen ()
hunkeren
happen
informeren
jagen
kijken
luisteren
mailen ()
nieuwsgierig zijn
opkijken
(geen) oren hebben
peilen ()
raden
refereren
ruiken
zich schikken
schrijven ()
smachten
smaken
streven
(niet) talen
uitgaan
uitkijken
verlangen ()
verwijzen
vissen
vragen
zoeken ()
zwemen
om
bekendstaan
zich bekommeren
benijden
bidden
blij zijn
boos zijn
denken
te doen zijn
geven
huilen
lachen
malen
moeite doen
rouwen
smeken
te springen staan
verlegen zijn
vragen ()
wedden
onder
bezwijken
gebukt gaan
lijden
zuchten
op
aandringen
(iemand) aankijken
(iemand) aanspreken
aansturen
zich abonneren
acht geven
afdingen
afgaan
afgeven
afknappen
afstemmen
antwoorden
attent maken
azen
baseren
bedacht zijn
het niet begrepen hebben
belust zijn
zich beraden
berekend zijn
zich beroemen
zich beroepen
besparen
betrappen
betrekking hebben
zich bezinnen
zich blind staren
bogen
boos zijn
zich concentreren
doelen
drinken
gebeten zijn
gebrand zijn
gegrond zijn
gek zijn
gesteld zijn
happig zijn
het gemunt hebben
het houden
hopen
ingaan
ingesteld zijn
inspelen
intekenen
invloed uitoefenen
jagen
jaloers zijn
kankeren
(niet) kijken
letten
lijken
mikken
de nadruk leggen
neerkijken
neerkomen
passen
prat gaan
(zich) richten
schelden
slaan
zich spitsen
staan
steunen
studeren
stuiten
stuklopen
terugkomen
zich toeleggen
toezien
trots zijn
tuk zijn
uitdraaien
uitlopen
uit zijn
geen vat hebben
verdacht zijn
verhalen
zich verheugen
zich verkijken
zich (kunnen) verlaten
verliefd zijn
vertrouwen ()
verzot zijn
vissen
vitten
vloeken
(zich) voorbereiden
zich voor laten staan
vooruitlopen
wachten
wijzen
wreken
zinnen
zinspelen
over
beslissen
berichten
zich bezinnen
blij zijn
boos zijn
denken
zich ergeren
het hebben
heersen
het eens zijn
inzitten
klagen
lachen
macht hebben
meester zijn
ongeduldig zijn
zich ontfermen
oordelen
(hoog) opgeven
opscheppen
overleggen
regeren ()
zich schamen
schrijven
spijt hebben
spreken
tevreden zijn
treuren
twijfelen
twisten
zich uitlaten
uitweiden
vallen
zich verbazen
zich verheugen
voldaan zijn
waken
zegevieren
zich zorgen maken
zwijgen
tegen
aanhikken
(raar/vreemd) aankijken
zich afzetten
beschermen
bestand zijn
beveiligen
bezwaar hebben
brutaal zijn
gekant zijn
(iets) hebben
immuun zijn
inbrengen
zich indekken
zich keren
(ertegen) kunnen
opboksen
opgewassen zijn
opkomen
optornen
opwegen
opzien
pleiten
protesteren
ruilen
zich schrap zetten
strijden
uitvaren
van leer trekken
verdedigen
zich verzetten
waarschuwen
zich wapenen
wisselen
worstelen
(ertegen) zijn (dat)
zondigen
tot
aansporen
behoren
zich beperken
bereid zijn
besluiten
bestemmen
bijdragen
het brengen
dienen
dwingen
gedoemd zijn
zich genoodzaakt/geroepen voelen
horen
in staat zijn
leiden
zich lenen
neigen
noodzaken
nopen
overgaan
overhalen
strekken
uitnodigen
zich verhouden
zich verlagen
verleiden
veroordelen
zich verplichten
tussen
kiezen
uit
afleiden
bestaan
citeren ()
groeien
munt slaan
ontstaan
profijt halen
redden
vervaardigen
volgen
(niet/geen) wijs raken/worden
van
zich (niets/veel/weinig) aantrekken
abstraheren
afbrengen
afhangen
afhelpen
afhouden
zich afkeren
afstand doen
afstappen
afzien
balen
bang zijn
zich bedienen
beroven
beschuldigen
bevallen
bevrijden
zich bewust zijn ()
blijk geven
doordringen
dromen
eten ()
gebruikmaken
niet gediend zijn
geen geheim maken
genieten
genoeg hebben
getuigen
een gewoonte maken
gruwen
geen hoge pet ophebben
horen
houden
een idee hebben
in het bezit zijn
kennisnemen
krioelen
zich kwijten
leven
los zijn
lucht krijgen
meester zijn
melding maken
misbruik maken
moe zijn
nota nemen
onder de indruk zijn
onkundig zijn
ontbloot zijn
(zich) ontdoen
ontheffen
zich onthouden
ontslaan
ontvangen
op de hoogte zijn
(hoog) opgeven
opkijken
overtuigen
plezier hebben
profiteren
redden
reinigen
(zich) rekenschap geven
schande spreken
scheiden
schrikken
spreken
te kijken staan
niet terughebben
terughouden
terugkomen
uitgaan
verdenken
zich vergewissen
verschillen
verschoond blijven
verstand hebben
versteld staan
verstoken zijn
vertellen
vervaardigen
vervreemd zijn
vervuld zijn
verwijderd zijn
verwittigen
(zich) verzekeren
vol zijn
voorzien
vrij zijn
vrijspreken
walgen
wars zijn
weerhouden
(iets/veel) weg hebben
weg zijn
werk maken
weten
zeker zijn
zuiveren
voor
aanbevelen
aandacht hebben
aansprakelijk zijn
aanzien
bang zijn
bedanken
beducht zijn
begrip opbrengen
behoeden
bestemd zijn
bewaren
bezwijken
boeten
borg staan
buigen
danken
dienen
geporteerd zijn
geschikt zijn
zich hoeden
ijveren
immuun zijn
in aanmerking komen
in de bres springen
instaan
zich interesseren
zich inzetten
kiezen ()
klaar zijn
zich lenen
moeite doen
zijn neus ophalen
onderdoen
oog hebben
opdraaien
openstaan
opkomen
oppassen
(iets) overhebben
partij trekken
pleiten
zich schamen
terugdeinzen
te vinden zijn
uitkijken
uitkomen
zich uitsloven
vatbaar zijn
verantwoordelijk zijn
zich verbergen
zich verontschuldigen
vluchten
(iets/veel/weinig/...) voelen
voordragen
vrezen ()
waarschuwen
waken
winnen
zijn hand niet omdraaien
zorgen
een zwak hebben
zwichten
Literatuur
    Interessante links
    ANS
    Taaladvies
    Dagenta
    Taalportaal
    Versiegeschiedenis
    versie redacteur(en) datum opmerkingen
    3.0 Dirk Pijpops januari 2026 Een tussentijdse versie van deze paragraaf werd van commentaar voorzien door Maaike Beliën, Timothy Colleman, Frank Landsbergen en Freek Van de Velde. De verantwoordelijkheid voor de inhoud van dit hoofdstuk berust bij de redacteur(en).
    2.1 januari 2019 Automatische conversie van ANS 2.0
    2.0 W. Haeseryn, K. Romijn, G. Geerts, J. de Rooij, M.C. van den Toorn 1997 hoofdstuk 20,../../data/archief/ans2/e-ans/20/06/body.html;
    Interessante links