Voorbeeldzoeker x
(typ in het invoerveld om het voorbeeld te wijzigen)
zoek dit voorbeeld in:
ANS

Woordenboeken

  • INT (500 AD - heden)
  • Etymologiebank
  • Woordenlijst.org

Corpora en lexica

  • Corpus Hedendaags Nederlands Clarin login
  • GrETEL (CGN, Lassy)
  • SoNar Clarin login
  • Delpher
  • Celex Clarin login

Overige bronnen

  • Taalportaal
  • Wikipedia
  • Google
  • DBNL geheel / taalkunde
  • Taaladvies.net
12.3.1.2.2.c Gesubstantiveerde werkwoordsstammen
Verder lezen
Voorbeelden van afleidingen van een stam van een regelmatig of onregelmatig werkwoord zijn:
(de) bloei, bouw, duik, duw, groei, haat, koop, roep, stoot, val.
Hiertoe behoren ook afleidingen van samenkoppelingen (zogenaamde scheidbaar samengestelde werkwoorden). Voorbeelden zijn:
(de) aanpak, doorstroom, inbreng, instroom, onderduik, opbloei, opvang, overloop, terugloop, uitleen, uitstoot, uitval.
Het accent ligt bij deze afleidingen altijd op het eerste lid. Van samengestelde werkwoorden met mis- als eerste lid [12.2.2.2/ii13] komen afleidingen voor die eveneens het accent op het eerste lid hebben: de miskoop, de misstap. Alle genoemde afleidingen zijn de-woorden, maar het woord misbruik is een het -woord.
Voorzover het nomina actionis betreft, geven afleidingen van een stam in tegenstelling tot gesubstantiveerde infinitieven doorgaans veeleer een afzonderlijke (en herhaalbare) handeling of werking weer dan een handeling of werking in het algemeen. Gesubstantiveerde infinitieven kunnen beide functies hebben. Vergelijk bijv. met elkaar:
1De renner gaf zijn medevluchter een duw. Voor die duw kreeg hij 1 minuut straftijd.
2Voor het duwen van zijn medevluchter kreeg hij 1 minuut straftijd.
Vergelijk met het laatste voorbeeld verder een zin als de volgende, waarin alleen een gesubstantiveerde infinitief mogelijk is en geen stam:
3Op het duwen van medevluchters staat gewoonlijk straftijd.
Het hier vermelde onderscheid is echter niet in alle gevallen aanwezig. Zo zijn bijv. de aanmaak en het aanmaken naast elkaar bruikbaar:
4aDe aanmaak van bloed geschiedt in het ruggemerg.
bHet aanmaken van bloed geschiedt in het ruggemerg.
Zie verder bij de afleidingen op -ing (12.3.1.4.7.6).
Heel wat van de volgens dit procédé gevormde substantieven kunnen behalve als nomen actionis ook als concreet substantief voorkomen, bijv. aanplant, afwas, inleg, omloop, overloop, overstap (gewoonlijk als diminutivum: een overstapje), uitlaat. Andere komen uitsluitend voor als concretum of als abstractum dat het resultaat van een handeling of werking noemt, bijv. afstap(je), indruk, nasleep, omroep, onderbouw, opstoot(je), overdruk, uitdraai (van een computer).
Opmerking
Verdieping
Opmerking
Bij een aantal onregelmatige werkwoorden zijn substantieven niet afgeleid van de stam, maar vertonen ze op een andere wijze samenhang met het werkwoord. Er treedt klinkerverandering en soms ook medeklinkerverandering op. Voorbeelden zijn:
(-)breuk (bij: breken; maar: doorbraak en, naast elkaar, maar met verschil in betekenis voorkomend: afbraak - afbreuk (doen aan), inbraak - inbreuk);
(-)gang (bij: gaan en samenstellingen daarmee);
(-)gift (bij: geven ; zie voor (-)gave (12.3.1.4.7.6));
(-)greep (bij: grijpen en samenstellingen daarmee);
(-)name (bij: nemen en samenstellingen daarmee; zie ook (12.3.1.4.7.6));
(-)rit (bij: rijden en samenstellingen daarmee);
(-)slag (bij: slaan en samenstellingen daarmee);
sprong (bij: springen);
(-)stand (bij: staan en samenstellingen daarmee);
wraak (bij: wreken);
(-)zicht (bij: zien en samenstellingen daarmee).
Literatuur
    Versiegeschiedenis
    versie redacteur(en) datum opmerkingen
    2.1 januari 2019 Automatische conversie van ANS 2.0
    2.0 W. Haeseryn, K. Romijn, G. Geerts, J. de Rooij, M.C. van den Toorn 1997
    Interessante links